
Dubbele ouderenmishandeling
Vanwege een toename van het aantal ouderen die steeds ouder wordt is sprake van een dubbele vergrijzing. Het aantal en de leeftijd van een of meerdere mantelzorger(s) stijgt evenredig.
Ik durf te stellen dat het aantal situaties van ouderenmishandeling hierdoor sterk is gegroeid.
Op basis van mijn expertise, goed naar andere mantelzorgers luisteren, vele artikelen lezen, én vanwege mijn persoonlijke ervaring vind ik zelfs dat er in Nederland op grote schaal sprake is van dubbele ouderenmishandeling…
Volgens de definitie van ouderenmishandeling die het ministerie van VWS hanteert, zou het slachtoffer (65+) in een zorgafhankelijke relatie met de pleger moeten ‘verkeren’.
Welnu, mijn vierennegentigjarige moeder, lichamelijk en geestelijk gehandicapt na een groot herseninfarct, en ik, haar bijna zeventigjarige dochter met rug-knie-slijtage door langdurige overbelasting in de wijkverpleging en mantelzorg, hebben een zorgafhankelijkheidsrelatie met datzelfde ministerie. Nu aangestuurd door minister Helder, door mij “minister Mist” genoemd.
Niet dat mijn moeder en ik, en vele ouderen, een relatie in de persoonlijke leefsfeer met haar hebben, maar zij heeft wel dezelfde macht als elke willekeurige pleger van ouderenmishandeling.
Minister Helder is eind december een dagje met een wijkverpleegkundige in de omgeving van Den Haag op pad geweest. Zij vertelde direct daarna in een interview in de “nieuwsbrief van Nursing” dat zij in de ochtend vier zorgvragers ontmoet heeft en gezien heeft hoe deze werden geholpen. De middag werd door haar besteed aan enkele gesprekken met zorgverleners in de wijkverpleging. De minister heeft mede hierdoor een helder beeld van ouderenzorg in thuissituaties gekregen. Tegelijkertijd heeft zij geconstateerd dat er nog veel meer mogelijk is.
Bij welke zorgvragers en hun zorgverleners én hun mantelzorgers bedoelt zij? Is de rek er nog niet genoeg uit?
Ik heb de laatste jaren veel over mijn privé situatie verteld en geschreven. Om taboedoorbreking van ouderenmishandeling te versterken en lieve betrokken hardwerkende mantelzorgers een hart onder de riem te steken.
Hierna volgt een voorbeeld hoe ik tegen de falende techniek in de zorg aanloop waardoor zowel mijn moeder als ik ons met de rug tegen de muur voelen staan.
Mijn moeder draagt een joekel van een zichtbare polsband waarin de beruchte personenalarmering is verwerkt. Technisch gezien een geweldige uitvinding. Maar niet voor mensen met de ziekte van dementie zoals mijn moeder.
Met mijn mondigheid heb ik toch ‘de strijdbijl’ met haar zorgverleners begraven en houdt mijn moeder dit schijn-hulpmiddel (verplicht) dag en nacht om.
Zij weet absoluut niet wat zij ermee zou kunnen doen. Mijn moeder draagt dus een foeilelijk sieraad om haar pols die alleen een grote schijnveiligheid omvat voor de zorgafdeling. Bovendien, al zou mijn moeder haar ‘personenalarmering’ nog kunnen begrijpen, de intercom ervan hangt in haar woonkamertje van dit zorgwooncentrum. Geen reikwijdte naar haar keukentje en badkamer.
De enige persoon die vanaf november vorig jaar op mijn moeders ‘bel’ drukt, ben ik. Omdat ik mijn versleten lijf niet langer meer ga belasten met het verschonen van mijn moeder. De vieze details laat ik in dit stuk achterwege.
Dus spreek ik mijn antwoord op de vraag “Wat kan ik voor u doen?” via de intercom namens mijn moeder in: “Wilt u alsjeblieft mijn moeder komen verschonen?” Daarna gebeurt dit volgens haar zorgplan wél…
De inhuizing van mijn moeder heeft slechts twee voordelen opgeleverd. Er komt elke nacht een zorgverlener een paar keer in haar appartementje controleren of zij niet naast haar bed of op het toilet is gevallen. Daarnaast, het handje vol echt betrokken zorgverleners die invoelend met het karakter en de ziekte van mijn moeder kunnen omgaan, ontlasten haar (en mij) op hun parttime werkdagen door het zorgplan preciezer uit te voeren.
Het in de middag aanreiken van een kopje koffie en schoongemaakt fruit is na ingezette onderhandeling mijnerzijds in het zorgplan opgenomen. Omdat mijn moeder deze zelf door haar handelingsverlies niet meer kan klaarmaken, maar wel heel lekker vindt. Een van de redenen dat ik zo vroeg mogelijk naar mijn moeder probeer te gaan, zodat ik dit lekkers aan haar kan geven. Want als ik later binnenstap, zie ik te vaak dat zij nog niets heeft gedronken.
Natuurlijk moet ik wel eens een dag weg, of krijg ik mijn kleinkinderen op bezoek. Dan voel ik het gewicht van de zorg voor mijn moeder alsnog op mijn schouders. En wat te denken van de vele andere taken die ik als mantelzorger moet doen en coördineren.
Helaas, door ziekte of scholingsdagen schiet de benodigde zorg aan mijn moeder op haar afdeling vaak schromelijk tekort. Ik heb dit een keer in een multidisciplinair overleg over mijn moeder betiteld met lichamelijke en geestelijke verwaarlozing, een ernstige vorm van ouderenmishandeling.
Deze opmerking werd mij niet in dank afgenomen.
Mijn moeder, bekend met dagelijks verlies van urine en ontlasting, werd begin vorig jaar door een noodplan vanuit het management – bij te veel zieke zorgverleners – ongeveer drie maanden niet gedoucht. En vaak niet geholpen met een wasbeurt aan de wastafel. Mijn dochter heeft in die periode haar oma een paar keer gedoucht. Bewonderenswaardig, voor even, maar dit was geen oplossing voor de langere termijn. Zij is een kinderverpleegkundige die zelf regelmatig overuren moet draaien en een gezin met jonge kinderen heeft.
Hoe lang nog?
Mijn moeder had al eerder een sterke doodswens, zij is klaar met haar leven. Dit weet haar huisarts. Puntje bij paaltje in gesprek met haar huisarts, krabbelt mijn moeder terug, is mij door hem verteld. Ik weet dat mijn moeder altijd bang is geweest voor “het onbekende in haar leven”, in dit geval voor actieve euthanasie.
Zij heeft mij meermaals, zelfs met haar ziekte van dementie, gevraagd: “Wat zou jij doen?”
Ik vind het heel naar dat ik daar geen antwoord op kan en wil geven.
Voor mezelf weet ik het antwoord wel bij het eenmaal ontbreken van ongeveer 95% kwaliteit van zorg en welbevinden.
Ik heb 17 jaar in verpleeghuizen gewerkt. Het was ontzettend frustrerend. Hoe hard je ook rent en vliegt, je doet de mensen die je hulp hard nodig hebben altijd te kort. Verwaarlozing zowel in lichamelijke verzorging als in aandacht is een vorm van mishandeling. Wat ik net gelezen heb doet me echt verdriet, want ik weet hoe waar het is. Ouderen verdienen met respect en menselijkheid verzorgd te worden en verzorgers die oververmoeid en overspannen zijn, lijden ook en zijn een risico op fouten. Hetty, wat ben je fantastisch sterk voor de zorg aan het opkomen! Ik had ooit een zwartboek willen schrijven, maar ik ben er psychisch niet toe in staat. Dus heel veel dank!!!
zo herkenbaar, maar er veranderd niets. Mantelzorgers zijn ondergewaardeerd en ook ik ben 70+ en sta er alleen voor, mijn dochter, haar bonusvader helpt mee, maar woont in Ijmuiden en ik in Monster. Laat de minister maar eens 1 week met mij meelopen en de was doen met ontlasting! en vergaderingen en mee naar activiteiten, vergaderingen, doktersgesprekken etc. Wij zijn goedkope,onbetaalde krachten!
Beste Grada,
Ik voel met je mee en blijf me inzetten voor kwetsbare ouderen. Met mijn behoorlijk grote mondigheid en ook lange adem.
Samen met Mantelzorglijk ga ik namens jou, jullie in 2023 nog steviger op de barricade!
Met hartelijke groet,
Hetty
Hetty, mijn vrouw is mantelzorger voor haar moeder in een verpleegtehuis. Alle zaken die je aanhaalt in je verhaal over hoe de zorg tekort schiet herken ik. Er lopen hele goede en lieve verzorgsters rond maar ook verzorgsters die de zorg voor onze moeder niet zo nauw nemen.
Waar wij tegenaan lopen is een tegenwerkend management. Onze moeder heeft zware zorg nodig. Eigenlijk voor alles heeft zij hulp nodig. Hierdoor is mijn vrouw 7 avonden in de week bij haar moeder die zij ondersteund met spelletjes maar ook met de avondzorg. Door haar vele aanwezigheid ziet zij veel. Goede maar ook slechte zaken. Zij geeft heel vaak complimenten maar de zaken die niet goed gaan ‘moet’ zij melden om de kwaliteit van leven voor haar moeder te garanderen.
En hier gaat het fout.
Het begint al dat het Zorgplan totaal niet beschrijft wat de huidige lichamelijke en geestelijke situatie is. Op ons initiatief wordt deze nu bijgewerkt.
Meldt zij een verbeterpunt bij de verzorgsters dan voelen zij zich in hun professionaliteit aangetast.
Meldt zij het bij het management dat vinden de verzorgsters dat er over hen ‘geklikt’ wordt.
Het is nooit goed.
Het management kiest de kant van de verzorgsters en de problemen zijn door een klachtenfunctionaris volledig geëscaleerd.
Zo erg dat verzorgsters haar niet meer mogen helpen bij de avondzorg, mijn vrouw de kamer van haar moeder moet verlaten als er zorg wordt verleend of medicijnen worden uitgedeeld. Het is mijn vrouw ‘verboden’ om met de zorg praten of met de zorgcoördinator. Het hele verzorgingsteam is door het management opgezet tegen mijn vrouw. De goede verzorgsters ziet zij vertwijfeld rondlopen. Alles moet via het management. Mijn vrouw was al overbelast door al het werk wat zij moest doen en dit is echt de genadeslag.
Onze 96 jarige moeder heeft geen weet wat er speelt en wil haar kamertje niet verlaten. Het is tevens een probleem dat onze moeder ook nog Coeliakie heeft. Hiervoor moet een 100% glutenvrij dieet worden gevolgd. Vele verpleegtehuizen in de buurt kunnen dit niet leveren of garanderen dat al het eten glutenvrij is.
Oh ja, nog een dingetje. Coeliakie is een auto-immuunziekte en niet te genezen. Toch besloot de verpleegkundig specialist, die de bloedwaardes verkeert had geïnterpreteerd, zonder overleg met de mantelzorger, te stoppen met het glutenvrije dieet. Het was medisch niet meer noodzakelijk ’tenzij de familie een glutenvrij dieet wenste’. Schokkend.
We hebben dit alles nu aangemeld bij een onafhankelijke klachtencommissie. Wij vragen ons af of er andere mantelzorgers tegen dezelfde problemen oplopen. Slechte zorg, melden en problemen met het management krijgen.
Beste Frans,
Ik heb je brief met veel herkenning gelezen.
Als geen ander begrijp ik de spagaat waarin jij en je vrouw nu verkeren. Heel verdrietig.
Helaas zijn er te veel mantelzorgers (van onze leeftijd) die hetzelfde als jullie en mij moeten doormaken.
Vandaar mijn pittig geschreven blog. Ik blijf mijn mondigheid op regionaal en landelijk niveau in de strijd gooien.
Heel vermoeiend, maar ik heb gelukkig een lange adem.
Mijn stelling is: Kom niet aan ouderen want dan kom je aan mij.
Misschien zou je ook nog een adviesgesprek kunnen aanvragen bij Veilig Thuis, tel.0800 2000. Je kunt dan worden doorverbonden met je regiokantoor.
Ik weet dat hun medewerkers ouderenmishandeling dat intramuraal gebeurt niet laten liggen.
Houd moed, houd vol.
Met hartelijke groet,
Hetty