
De transitie en het zorgbos 2015-2020 #niettedoen
Alweer 5 jaar geleden dat 1-1-2015 de transitie een feit werd, de decentralisatie in zorgland. Daarbij werd de AWBZ verleden tijd en kregen we met jeugdwet, Wlz en (uitbreiding van) de Wmo te maken. De laatste dagen gaat het vaak door mijn gedachten. De aanloop destijds naar 2015 toe was spannend. Alle systemen op de kop.. Zou alles goedkomen? Ik heb altijd vertrouwen… maar dat werd fors op de proef gesteld. Want wat bracht het ongekend veel regelgedoe. Mantelzorg op het scherpst van de snede, terwijl het met de daadwerkelijke zorg niets te maken had. Een groot zorgmoeras.
Bij een van de gemeenten waar ik destijds mee te maken had als mantelzorger, had men geen idee, waar ik het over had toen ik naar een toekenningsbeschikking voor 2015 vroeg. Laat staan hoe ik ervoor kon zorgen dat de zorgverlener betaald bleef worden voor de geleverde zorg. Diverse medewerkers van diverse afdelingen die steeds de vraag doorschoven. En ze begrepen heus mijn frustratie (fijn), maar het moest toch weer die en die zijn die er meer van wist. De ‘woongemeente’ die over indicaties gaat, de centrumgemeente die de financiën regelt en dat dan ook weer uitbesteedt aan een andere organisatie. Onvoorstelbaar, zoveel kastjes en muren (en dus kosten) er bleken te zijn ontstaan. Het is ‘goedgekomen’, na vele maanden. #niettedoen
Een jaar erna was er ineens zomaar een daling van 10% van het zorgbudget, zonder verandering van zorgvraag. Onaangekondigd en met terugwerkende kracht. Weer mantelzorgpaniek. En weer al die vriendelijke mensen en nog meer kastjes en muren. Alle politieke partijen gemaild in hun kerstreces, (die mantelzorgers dan weer niet hebben). Na zijn nieuwsjaarspraatje de vriendelijke wethouder aan het jasje getrokken die nota bene adviseerde om een officiële klacht in te dienen (tegen zijn eigen beleid), maar goed. Na ruim een jaar was het geregeld. #niettedoen.
En dan is het inmiddels 2020, een jaar waarin wederom een indicatie afloopt en nu het vraagstuk Wlz of Wmo voorligt. Ik moet er nog maar niet aan denken. Maar weet dat er gelukkig hulptroepen zijn die meehelpen in het regelen van de zorg. Zoals eerder, onze fijne mantelzorgmakelaar, die doorpakte en deed wat nodig was. Naast mij. Omdat het soms zo ingewikkeld is dat een ondersteuner zoals een mantelzorgmakelaar geen overbodige luxe is. Eigenlijk te zot voor woorden, want dat geeft aan hoe ingewikkeld Nederland Zorgland is.
Meest geholpen zou ik (en velen met mij) als mantelzorger dan ook zijn, met minder zorgbomen in het zorgbos en met samenwerking en heldere communicatie, waarbij de mantelzorgers serieuze gesprekspartners zijn, want dat is cruciaal. Dat hoor ik tot op de dag van vandaag van heel veel medemantelzorgers en werkers in welzijn & zorg. En dat blijf ik uitdragen en voor pleiten. En zo loopt werk en privé altijd een beetje door elkaar. Er zijn nog veel slagen te maken, zodat zorggeld daarheen kan waar het hoort. Naar de zorg.
hartelijke groetjes, Paula Bierma
Comments (0)