
Code Oranje: Niveautje lager in de zorg?!
Pas was ik weer gezellig een kopje koffiedrinken bij mijn 94-jarige vriendin, een heel wijze vrouw, ongehuwd, en al jaren rolstoel-afhankelijk vanwege een ‘verlamming’ in haar benen en een longcapaciteit van ongeveer 25%. Zij woont in het woonzorgcentrum waar ook mijn moeder heeft gewoond.
Maria is verre van eenzaam, zij krijgt bijna elke ochtend een uurtje koffievisite, en door haar opgewekte en positieve levensinstelling moet zij zelfs een agenda bijhouden, dus dan bel je haar op en hoor je wanneer je weer aan de beurt bent om deze schat te bezoeken. Hoe leuk is dit!
En ook kan Maria zich na haar middagrust, aangekleed liggend op haar sprei, prima vermaken met breien, puzzelen, luisteren naar klassieke muziek en informatieve programma’s op radio en tv. Vaak wordt haar dan een beker thee aangereikt, weliswaar de laatste maanden soms niet, afhankelijk van wie er dienst heeft. De maaltijdenspullen worden drie keer per dag op haar eettafel neergezet en dan kan zij zich wel redden.
Voor het warm eten kan zij gelukkig nog voor zichzelf een glaasje witte wijn inschenken en dit genietend opdrinken tijdens een programma van omroep MAX op de tv.Dat doet Maria al jaren, en toen mijn tante nog leefde, samen met haar in hun seniorenappartementjes buiten het woonzorgcentrum.
Natuurlijk zette ik koffie en de kopjes op tafel en lekkere koekjes binnen handbereik, want door ons gezellige gebabbel komen we er soms niet eens aan toe deze op te eten. Na een uurtje was ik altijd de kopjes af, en laat ik ook haar koffiezetapparaat schoon achter, startklaar voor degene die na mij komt. Dit laatste dacht ik, maar wie schetst mijn verbazing dat Maria ’s avonds geen koffie meer wordt aangereikt, zoals voorheen door een van de zorgverleners van het woonzorgcentrum. Wegbezuinigd.
Als Maria nu wel zin in koffie heeft, moet zij dit zelf proberen te maken, terwijl zij er ’s avonds tijdens het kijken naar de praatshow van Eva wel zin in heeft, maar er dan te moe voor is. Dus pakt zij dan maar een glas water…
Zij is door de loop der jaren heel inventief geworden en kan zichzelf in etappes (vanwege haar luchtbeperking) op haar grote aangepaste bad- en slaapkamer zelf wassen en omkleden. Het enige dat Maria echt niet meer kan is haar sprei heen en weer rollen tussen hoofd- en voeteneinde. Feitelijk hoeft deze er maar één keer per week helemaal worden afgehaald, als een zorgverlener haar bed komt verschonen.
Maria vertelde dat er op haar afdeling al een maand een nare discussie tussen haar en het zorgpersoneel is ontstaan over deze mooie en fijn huiselijk uitziende sprei waar zij erg aan is gehecht. Gebleken is dat niet alleen Maria, maar alle zorgvragers in de avonduren afhankelijk zijn geworden van een iets minderbegaafde huishoudelijke dienstverlener die is afgekeurd voor het zwaardere werk in dit woonzorgcentrum. Dus kan (en wil) deze 64-jarige vrouw de sprei van Maria niet terugrollen, dit zegt zij, en zegt ‘men’ haar na.
Deze supereenvoudige vaardigheid(?!) moet nu uiteindelijk door een verpleegkundige worden gedaan. Is dit lol of is dit om te huilen?!
Oh ja, en als Maria plotsklaps onwel wordt, moet zij dit tegen haar vermeende avondhulp zeggen, dan belt die vrouw wel naar de verpleegkundige.
Maria is gelukkig nog ‘goed bij de pinken’, want met een felle uitdrukking op haar gezicht zei ze tegen mij: “Ik heb een zusterbel om mijn nek hangen, dus dan druk ik daar wel op, zodat ik hopelijk snel een verpleegkundige op mijn kamer zie verschijnen voordat ik uitval!”
Nu heb ík altijd geroepen dat voor bepaalde zorgtaken prima een zorgverlener met een niveau-1 of -2 opleiding kan worden ingezet, mits deze zorgverlener de goede attitude heeft, en mits deze gekoppeld is aan een zorgverlener met een niveau-3+ of hogere opleiding.
Het toeval wilde dat Maria en ik tijdens mijn koffiebezoekje aan haar werden opgeschrikt door “iemand” die luid-frottend aan het slot, ineens hard stampend door het halletje in de kleine woonkamer stond en met bulderende stem tegen de rug van Maria riep: “Hier, het weekmenu, kom ik straks ophalen.” De bewuste dienstverlener, waar wij over hadden gesproken, had vandaag ochtenddienst.
“Oh-oh”, zeiden Maria en ik tegen elkaar: zelfs aanbellen en de mens waarom het gaat even aankijken is er tegenwoordig ook niet meer bij.
Comments (0)