skip to Main Content

Als het niet gaat zoals het moet, dan moet het maar zoals het gaat

Op een zaterdag heb ik de twee jongste kleinkinderen een paar uurtjes bij mij en ik had een uitnodiging gekregen om met hen een paar uurtjes door te brengen in een mooi park, en dat hebben we gedaan.

Het was gezellig, de kleintjes vonden het wel prima, en we bleven langer dan gepland. Heerlijk even weg uit de dagelijkse sleur.

Zondagavond belt mijn eega dat hij ruzie heeft met iemand van de verpleging, daarna valt de telefoon uit en ik kan hem ook niet terugbellen. De batterij van zijn telefoon zal wel weer leeg zijn.

De volgende morgen probeer ik hem opnieuw te bellen, maar nog steeds tevergeefs; ik bel de afdeling, zij gaan de telefoon aan de oplader doen en ik krijg hem even aan de telefoon.

Alles is goed, zegt hij.

Van de ruzie weet hij niks meer, maar naar eigen zeggen heeft hij momenteel ruzie met “iedereen”.

Later hoor ik van de betrokken verpleegkundige dat hij ingegrepen had toen de linkerarm van mijn eega in de verdrukking ging komen bij een deurpost, wat mijn eega zelf niet ziet en merkt; vervolgens werd hij dus overvallen door de snelle actie van de verpleegkundige, en dit viel bij hem verkeerd. Terechte actie van de verpleegkundige, onterechte reactie van mijn eega, natuurlijk.

Dinsdag is er nog geen natuuractiviteit in verband met vakantietijd, maar hij heeft wel eindelijk weer eens gezwommen.

Hij heeft van de gelegenheid gebruik gemaakt om te protesteren dat hij door de vakantie zo’n tijd niet heeft gezwommen.

Verweer van de fysiotherapeut is dat niet elke fysiotherapeut is opgeleid om zwembegeleiding te kunnen geven, waarop hij zegt dat daarvoor dan gezorgd moet worden.

In zijn tijd bij de gemeentereiniging lag de boel tijdens vakanties ook niet stil, konden mensen elkaar vervangen.

De fysiotherapeut verweert zich met te zeggen dat dat wel een andere tak van sport is, maar hij heeft wel een punt, dat geeft zij ook toe, en ik zeg tegen hem dat hij het goed heeft aangepakt.

Als niemand zijn mond opendoet, blijft alles altijd zoals het was.

We gaan naar een bijeenkomst in verband met het raceweekend begin september in Zandvoort, want dan is de zorginstelling niet bereikbaar voor OV en auto.

Gelukkig kan ik met de fiets naar hem toe, want de regiorijder rijdt die dagen ook niet naar Zandvoort.

Na de bijeenkomst treffen we bekenden van de natuuractiviteit, een vrijwilliger en een bewoner, en we gaan even gezellig met elkaar een bakkie doen.

De vrijwilliger vraagt aan mijn eega hoe het met hem gaat en hij reageert lauwtjes met te zeggen dat het wel goed gaat (niet dus..).

Er schuift nog iemand bij aan, het wordt een gezellige boel en mijn eega leeft er helemaal van op.

Dat ontgaat ook de vrijwilliger niet.

’s Avonds wil hij ook wel weer naar de soos, waar hij twee weken geen zin in had gehad.

Ik breng hem erheen, want er is niemand voor het transport beschikbaar.

Vrijdag krijg ik mail van de fysiotherapeut dat de technische dienst een riem op de transferrolstoel wil maken: dat kost ons 80 euro plus een pak stroopwafels voor de montage; dat aanbod accepteer ik, al vind ik het evengoed best duur betaald, maar we zijn ermee geholpen, en dat is het belangrijkste.

Zaterdag om 14.00u bel ik mijn eega of hij al onderweg is met de taxi, maar ik krijg geen gehoor.

Even later word ik gebeld door de afdeling, dat zijn telefoon leeg is en dat ze bericht hadden gekregen van de taxi dat die verlaat is vanwege drukte.

Uiteindelijk is hij een uur later dan anders thuis.

Hij heeft al gauw weer veel pijn bij het zitten;  ik geef hem paracetamol en duw een kussentje achter zijn zere plek.

Zijn telefoon ligt “daar” aan de oplader, dus daar hebben we “hier” niks aan, maar tegenwoordig gaan we gewoon bijtijds naar beneden en dan kunnen we de taxi niet mislopen.

Mijn eega is een beetje bezorgd of hij wel opgehaald wordt dan, maar ik stel hem gerust.

De taxichauffeur zei bij aankomst dat ze had gebeld, gebeld en gebeld, maar voor niks natuurlijk.

Gelukkig kwam ze wel gewoon, en zeker niet voor niks.

Mayke de Vries

Mayke de Vries is na een carrière in de zorgsector nu vooral mantelzorger voor haar partner, die helaas na een grote hersenbloeding in oktober 2019 in een zorginstelling kwam te wonen. Zij schrijft op Mantelzorgelijk over de veranderingen in hun leven.

Dit bericht heeft 1 reactie

  1. Het is ”zorgelijk” te zien dat er heden ten dage zo wordt omgesprongen met mensen die zich niet of amper kunnen verweren.
    De afbraak van de zorg afgelopen decennium heeft daar mede toe aan bijgedragen door enorme bezuinigingen.
    Meedoen,participeren en je eigen verantwoordelijkheid nemen zijn de sleutelwoorden geworden in de huidige samenleving,ook voor diegenen die het niet (meer) kunnen?Een passend antwoord krijg je haast niet,mogelijk wel na invulling van talloze papieren van evenzo vele instanties…Wie weet wat nog te doen?Ik heb twijfels….

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top
X