
‘Hoe gaat het met u?’
Mantelzorgers ontwikkelen in dat proces een bijzonder vermogen om vooruit te denken en zich aan te passen. Scenario A mislukt? Dan is er B. En vaak ook C. Ze vinden licht waar anderen alleen beperkingen zien. Mentale flexibiliteit en praktische veerkracht worden tweede natuur. Tegelijkertijd kent die rekbaarheid ook een grens. Wie langdurig onder spanning staat, loopt het risico dat de rek eruit raakt. Mantelzorgers verliezen zichzelf soms uit het oog. De focus ligt op de ander, waardoor het vragen om hulp of het nemen van rust gemakkelijk naar de achtergrond verdwijnt.
De kracht van een mantelzorger zit daarom niet alleen in hoe ver je kunt oprekken. Het zit ook in weten wanneer het elastiek even mag ontspannen. In vooruitdenken zonder doemdenken. In hulpmiddelen zien als steun, niet als nederlaag. In het toelaten van ondersteuning. In samen zoeken, samen lachen, samen ademhalen. De mens is rekbaar. Meer dan we vaak denken. Maar echte veerkracht is het samenspel van rek én ontspanning.
Het is de stille kracht van degenen die, dag na dag, doorgaan — ook als het moeilijk is, ook als niemand anders het ziet. Zelfs niet de arts. Daarom vraag ik u: “Hoe gaat het met u?”
Één vriend van mijn zoon vraagt mij consequent: ‘Maar hoe gaat t met jou?’.
Het raakt me elke keer weer.