
Een zorgzame samenleving … Wie zorgt er voor de mantelzorger?
Ik heb soms het gevoel dat we in Nederland een nogal wonderlijke rekensom maken.
Mensen moeten langer thuis wonen, de zorg wordt duurder en de druk op professionals neemt toe. Dus zetten we in op eigen kracht, het eigen netwerk en een sterke sociale basis. Buurtinitiatieven, sportverenigingen en vrijwilligers moeten bijdragen aan een samenleving waarin we meer naar elkaar omkijken.
Allemaal prachtig. Maar wie gaat dat allemaal doen als de mantelzorger al op zijn tandvlees loopt?
Toen ik de begroting van mijn gemeente las, zag ik de beweging naar meer sociale basis en basisondersteuning, met minder gebruik van maatwerkvoorzieningen. De ondersteuning moet anders georganiseerd én betaalbaar blijven. En dan gaan bij mij alarmbellen rinkelen. Niet omdat ik tegen een zorgzame samenleving ben, integendeel! Maar als mantelzorgveteraan weet ik dat er een wereld van verschil zit tussen een mooi beleidsplan en de werkelijkheid achter de voordeur.
Eigen kracht. Hoeveel hebben we daar nog van over?
Eigen kracht is zo’n term die het in beleidsstukken altijd goed doet. Maar wat als iemand bij de Wmo aanklopt omdat de zorg thuis niet meer vol te houden is? Misschien zorgt diegene al jaren voor een partner, ouder of kind. De zorg is steeds zwaarder geworden en het netwerk is grotendeels afgehaakt.
Dan wordt gekeken naar wat iemand zelf kan, wat familie kan doen en welke ondersteuning er in de buurt beschikbaar is. Maar wat als die mantelzorger al jarenlang alles uit de kast haalt? Geen partner heeft om de zorg mee te delen, geen familie in de buurt heeft of niet langer kan rekenen op mensen die ooit beloofden te helpen?
Veel mantelzorgers herkennen het. In het begin leeft iedereen mee, maar wanneer de zorg jaren duurt, wordt het stil. Het gewone leven gaat verder, terwijl de mantelzorger iedere dag opnieuw klaarstaat. Ik weet uit eigen ervaring hoe dat gaat. Door jarenlange mantelzorg kan je eigen leven vrijwel stil komen te staan. Werk, relaties, vrije tijd en persoonlijke ontwikkeling zijn geen vanzelfsprekendheden wanneer de zorg voortdurend op de eerste plaats komt.
Praten we dan nog over eigen kracht, of is die kracht al jarenlang aangesproken tot er nauwelijks iets over is?
De sportvereniging als oplossing?
De gemeente wil investeren in een sterke sociale basis, met sportverenigingen, ontmoetingsplekken en buurtinitiatieven. Prima! Maar hoe stellen we ons dat concreet voor? Kan een mantelzorger haar vader, partner of kind straks aan de bar van de sportvereniging neerzetten om even boodschappen te doen? Kan een buurtinitiatief de zorg overnemen wanneer iemand voortdurend toezicht nodig heeft? En wie neemt de verantwoordelijkheid als de zorgvraag te complex is voor een vrijwilliger?
Ik dik het een beetje aan, maar achter die cynische vragen zit een serieus punt. Een sociale basis kan mensen verbinden en eenzaamheid tegengaan. Maar een ontmoetingsplek vervangt geen professionele begeleiding en een vrijwilliger is niet automatisch een zorgprofessional. Een sterke sociale basis is mooi, zolang we niet doen alsof daarmee ook de noodzakelijke professionele ondersteuning geregeld is.
Minder maatwerkvoorzieningen. En dan?
In de begroting en het transformatieplan wordt ingezet op meer sociale basis en basisondersteuning, met minder gebruik van maatwerkvoorzieningen. Ook besparingen spelen daarbij een rol. Dat betekent niet dat iedere verandering verkeerd uitpakt. Ondersteuning kan soms slimmer of dichter bij huis worden georganiseerd. Maar wat gebeurt er als die ondersteuning niet voldoende is? Blijft passende individuele hulp dan beschikbaar, of wordt de drempel voor een maatwerkvoorziening steeds hoger?
En als iemand minder professionele hulp krijgt, wie vangt dat dan op? Ik ben bang dat het antwoord te vaak vanzelfsprekend is: het netwerk. De partner, ouder, dochter, zoon of vriend. De mantelzorger, die regelt het wel! Maar waarom eigenlijk? Waarom accepteren we zo gemakkelijk dat veranderingen in het zorgbeleid kunnen leiden tot meer onbetaalde zorg achter de voordeur, zonder de gevolgen voor mantelzorgers nadrukkelijk mee te wegen?
Als de gemeentelijke uitgaven dalen, maar de mantelzorger meer uren maakt, minder kan werken of zelf overbelast raakt, is het probleem dan opgelost? Of hebben we de rekening alleen verplaatst naar iemand die er geen factuur voor stuurt?
Logeerzorg: bestaat het ook als je het nodig hebt?
Logeerzorg kan voor mantelzorgers het verschil maken. Op adem komen, een paar nachten doorslapen, tijd voor je eigen gezin of gezondheid. Dat is geen luxe, maar soms pure noodzaak. Binnen mijn regio was er een pilot met zeven bedden, verdeeld over veertien gemeenten. Hoe de situatie er nu voor staat, weet ik niet. Juist daarom wil ik weten welke mogelijkheden er nu daadwerkelijk zijn.
Want een voorziening kan op papier bestaan, maar wat heb je eraan als de zorgvraag niet past of er geen plek is? Als je dierbare niet terechtkan omdat de zorgvraag te complex is, gaat de zorg thuis gewoon door.
Mantelzorg is geen vrijwilligerswerk
Ook de waardering voor mantelzorgers zit me dwars. Vorig jaar hebben veel mantelzorgers in mijn stad weinig meegekregen van de mantelzorgwaardering. De aandacht leek grotendeels stilletjes voorbij te gaan, waarna mantelzorgers enkele weken later digitaal werden bedankt op sociale media. Op de Dag van de Vrijwilliger…
Ronduit pijnlijk.
Begrijp me goed: vrijwilligers zijn goud waard. Maar mantelzorg en vrijwilligerswerk zijn niet hetzelfde. Mantelzorg ontstaat vanuit een persoonlijke relatie met iemand die langdurig zorg nodig heeft. Je kunt niet zomaar besluiten dat je deze week even niet beschikbaar bent. Je neemt de zorg mee naar bed, naar je werk, naar je vrije tijd en naar de rest van je leven.
Waardering is daarom veel meer dan een bedankje op sociale media. Het betekent dat je als gemeente serieus neemt wat mantelzorg van mensen vraagt. Dat je toegankelijke ondersteuning biedt en overbelasting probeert te voorkomen, in plaats van mantelzorgers pas te zien staan wanneer ze uitvallen.
Vele gemeenten zullen volgen…
Vanuit Mantelzorgelijk blijven we deze ontwikkelingen nauw volgen. Want als we willen dat mensen langer thuis wonen, moeten we ook investeren in de voorwaarden waaronder dat mogelijk blijft. Eigen kracht heeft grenzen. Niet iedereen heeft een netwerk en ook betrokken familieleden zijn niet onbeperkt beschikbaar. En als we minder maatwerkvoorzieningen willen inzetten, moeten we aantonen dat mensen daardoor niet de ondersteuning verliezen die ze nodig hebben.
Anders spreekt de gemeente over een sterke sociale basis, terwijl de mantelzorger thuis steeds meer moet oplossen. Dat is geen sterke sociale basis. Dat is een kwetsbaar systeem dat te veel leunt op de onzichtbare inzet van mensen die vaak al ontzettend veel doen.
Begrijp me goed: wij zijn geen tegenstanders van verandering. Maar we zijn wél tegen de vanzelfsprekendheid waarmee de verantwoordelijkheid steeds weer bij de mantelzorger terechtkomt.
Mantelzorgers zijn geen onuitputtelijke bron van gratis zorg. Ze verdienen beleid dat rekening houdt met hun leven!
Comments (0)