Meneer Rijkers deelt het bed met zijn psycholoog

‘Wil je nog even bij mij komen? Ik ben zo bang’
‘Natuurlijk. Ik ben hier. Voel je mijn hand?’
Ik houd de hand van meneer Rijkers stevig vast. Voor de zevende keer vandaag. Ik ben bevreesd om er niet bij te zijn als hij sterft. Bang dat hij het leven alleen zal moeten verlaten
Het kan nu ieder moment gebeuren. Al heb ik dit de afgelopen weken vaker gedacht. Maar telkens krabbelde hij weer op. Maar meneer Rijkers is op. Hij kan gewoon niet meer.
Zijn verwardheid neemt met de dag toe. Zijn gezicht valt meer in. Hij komt zijn bed niet meer uit. En weet vaak niet meer wie er bij hem is. Zijn dochters herkent hij niet meer.
Laat staan de psycholoog.
‘Ben je daar?’
Ik zit naast u, meneer Rijkers. Voel maar’. Zachtjes knijp ik in zijn hand.
‘Voel je het?’
Dan slaat de stem van meneer Rijkers over.
‘Mientje? Ben jij daar?
Zeg dan iets. Mientje?’
Het is zover. Meneer Rijkers ziet mij aan voor zijn echtgenote. De vrouw die hem ongeveer 40 jaar geleden in de steek liet met 2 kleine kinderen van 4 en 6 jaar oud. De vrouw die op een maandagochtend voorgoed verdween met een andere man en waarvan hij nooit meer iets vernam. Zijn Mientje.
Als psycholoog krijg ik vaak vele rollen toebedeeld: van minnares, overspelige echtgenote, het overleden kind, de liefdevolle moeder.
En telkens weer is er die afweging. Ga ik erin mee? Of vertel ik de ‘waarheid’. Dat ik Mientje niet ben. Met alle onrust en verdriet tot gevolg.
Goede dementiezorg is jouw eigen normen en waarden (Gij zult niet liegen) kunnen loslaten om er volledig voor de ander te kunnen zijn.
En dus geef ik hem een kus op zijn voorhoofd.
‘Lieverd, ik ben er’.
Meneer Rijkers kijkt mij recht in de ogen aan. Ik zie tranen opwellen. ‘Ik wist dat je zou komen’.
‘Tuurlijk kom ik. Ik hou van jou’.
‘Waar was je?’
Ik denk na. Wat vertel ik. De waarheid? Dat ik vertrokken ben, omdat ik het gezinsleven niet trok? De verantwoordelijkheid voor mijn 2 dochters niet aankon. Met alle gevolgen van dien. Zo is Minke al een paar keer opgenomen geweest in een afkickkliniek voor haar alcohol verslaving.
‘Mientje…? Mientje?’
‘Ja lieverd, ik ben hier’.
Meneer Rijkers begint zacht te huilen.
‘Laat je mij niet alleen?…Ik kan het niet”
‘Ik blijf bij jou’, antwoord ik. Met mijn hand strijk ik langs zijn magere gezicht.
‘Mientje?’
‘Ja?’
‘Ik hou van jou’.
‘Ik ook van jou’.
De tranen lopen over zijn wangen. En ik veeg ze af.
‘Ik wil niet dood’.
‘Ik weet het lieverd. Ik weet het’
‘Ik ben zo bang’.
‘Ik ben hier. Ik ga nergens heen. Ik blijf bij je’.
Ik pak het vochtige staafje op zijn nachtkastje en dep het langs zijn mond. Zijn lippen zijn gescheurd
‘Ik ben zo bang’
‘Ik weet het. Het spijt mij zo’.
‘Ik wil niet dood’.
‘Ik wil ook niet dat je gaat’. En het is waar. Ik zal hem missen. Zoals ik al zoveel mensen heb moeten missen. Het maakt mijn werk zwaar. Soms sterven er 3 mensen in één week. En dat doet zeer. Iedere dood raakt je op zijn eigen manier. Ik zal missen hoe hij ons altijd ‘de meisjes’ noemde. Niet de psycholoog of zusters maar de ‘meisjes’.
Meneer Rijkers heeft het zwaar. En ik twijfel. Zal ik naast hem gaan liggen en mijn arm om hem heen slaan? Of houd ik dan onvoldoende professionele afstand. Ben ik dan te betrokken? Misschien. Maar ik noem het professionele nabijheid. Je hebt vaak geen spijt van de momenten dat je té betrokken was. Wel van de momenten dat je niet deed wat jouw hart je ingaf.
En dus stap ik uit mijn stoel, ga naast hem liggen en sla mijn arm om hem heen.
‘Lieve Herman. Ik ben bij je. Ik hou van je. Heel veel’.
Ik omhels meneer Rijkers en begin te zingen.
Langzaam voel ik zijn lichaam rustiger worden.
Ik geef een kus op zijn voorhoofd. Hij knijpt zachtjes in mijn hand. En ik zing, terwijl ik hem zachtjes heen en weer wieg.
Voor even ben ik Mien. Niet Sarah. Niet de psycholoog. Niet een collega. Of zorgverlener. Niet de supervisor of consulent. Maar de vrouw die niet van zijn zijde wijkt. Als meneer Rijkers het leven verlaat.
Rust zacht lief mens. Rust zacht lieve Herman.
Wees niet bang om nabij te zijn. Om volledig mee te bewegen en buiten de lijntjes te kleuren. Wees niet bang voor de kritiek van collega’s, familie of managers. Maar laat je hart spreken. Samen met krachtige omgangstechnieken zul jij de mooiste momenten beleven ❤ Beloofd!

Het is mijn missie als ouderenpsycholoog om de 'binnenwereld' van de mens met dementie, de naaste en zorgprofessional te onthullen. Zodat we met meer begrip en kennis eindeloos véél voor hen kunnen betekenen. Achter het gedrag gaat een rijke belevingswereld schuil. Als we haar kennen, worden de mogelijkheden immens. Door middel van muziek, theater en psychologie neem ik u mee in deze bijzondere wereld. Voor meer info: www.dementieintheater.nl

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Back To Top