
Een mantelzorgagenda voor iedereen.
Mantelzorgers bestaan niet. Mantelzorgers bestaan in alle soorten en maten.
De één woont in een dorp van drieduizend inwoners, waar buren elkaar een pannetje soep brengen en goed nabuurschap nog een vanzelfsprekend onderdeel van het dagelijks leven is. De ander woont in Rotterdam-Zuid, Amsterdam-Oost of een nieuwbouwwijk waar sociale netwerken rondom jonge ouders zijn georganiseerd. De manier waarop mensen voor elkaar zorgen, verschilt per buurt, per familie en per levensfase. Ook de sociaal-economische omstandigheden en de beschikbaarheid van professionele zorg bepalen in hoge mate hoe mantelzorg eruitziet.
Toch weten we verrassend weinig over die verschillen. Het CBS, het SCP en MantelzorgNL publiceren veel cijfers over mantelzorg, maar een landelijke uitsplitsing naar de CBS-indeling van grote steden, middelgrote gemeenten en dorpen of platteland ontbreekt. Dat is opmerkelijk, want er zijn goede redenen om aan te nemen dat mantelzorg sterk verschilt tussen stedelijke en landelijke gebieden. In grote steden wonen meer alleenstaanden, zijn reistijden langer en is professionele ondersteuning vaak beter beschikbaar. In dorpen zijn de sociale netwerken meestal hechter, wonen familieleden vaker dichter bij elkaar en wordt meer informele hulp verleend. Dat zijn logische veronderstellingen, maar harde landelijke cijfers ontbreken.
We moeten het daarom vooral doen met de verhalen en ervaringen van mantelzorgers zelf. En die laten een enorme verscheidenheid zien.
Er zijn jonge mantelzorgers die de zorg dragen voor een broer of zus met een beperking. Er zijn zogenoemde sandwichmantelzorgers die tegelijkertijd zorgen voor opgroeiende kinderen én voor kwetsbare ouders. Er zijn partners die jarenlang dag en nacht voor hun geliefde met dementie zorgen. En er zijn buren die regelmatig boodschappen doen of een warme maaltijd brengen. Al deze vormen van hulp zijn waardevol, maar ze zijn niet met elkaar te vergelijken.
Maar niet alleen de zorgsituatie verschilt; ook de draagkracht van mantelzorgers loopt sterk uiteen. De één beschikt over een groot sociaal netwerk, een begripvolle werkgever en voldoende financiële middelen om af en toe professionele hulp in te schakelen. De ander staat er vrijwel alleen voor, heeft een kwetsbare gezondheid, een onzeker inkomen of moet de zorg combineren met een baan en de opvoeding van jonge kinderen. Ook persoonlijke eigenschappen spelen een rol. Waar de één energie put uit het zorgen voor een naaste, raakt een ander sneller uitgeput of ervaart voortdurend gevoelens van schuld of verantwoordelijkheid.
Dat maakt mantelzorg zo complex. De belasting wordt niet alleen bepaald door wat iemand doet, maar ook door wat iemand kan dragen. Twee mantelzorgers die dezelfde zorgtaken verrichten, kunnen de belasting totaal verschillend ervaren. De balans tussen draaglast en draagkracht is voor iedere mantelzorger anders en verandert bovendien in de loop van de tijd. Een mantelzorger die vandaag de regie nog goed in handen heeft, kan maanden later vastlopen door een verslechterende gezondheid van de zorgvrager, een verlies van werk of het wegvallen van hulp uit de omgeving.
Juist daarom is maatwerk geen luxe, maar een noodzaak. Goede ondersteuning begint niet met de vraag hoeveel uur iemand zorgt, maar met de vraag: hoe gaat het met u, en wat heeft u nodig om deze zorg vol te houden?
Daarom bestaat er ook geen universele oplossing voor mantelzorg. Iedere situatie vraagt om maatwerk. De ene mantelzorger heeft vooral behoefte aan een luisterend oor of een paar uur respijtzorg. Een ander heeft meer baat bij professionele ondersteuning, een persoonsgebonden budget (pgb), flexibele werktijden of financiële compensatie. Wie mantelzorg serieus neemt, erkent dat de behoefte aan ondersteuning net zo divers is als de mantelzorgers zelf.
Juist daarom verdient die diversiteit een centrale plaats in de nieuwe MantelzorgAgenda 2030 van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, die in oktober dit jaar aan de Tweede Kamer wordt voorgelegd. Niet iedere mantelzorger heeft hetzelfde nodig, maar iedere mantelzorger verdient bescherming van draagkracht en passende ondersteuning. Soms betekent dat investeren in zorgzame buurten en sterke sociale netwerken. Soms betekent het professionele hulp of financiële ondersteuning. Altijd betekent het oog hebben voor de mens achter de mantelzorger.
Want achter iedere mantelzorger schuilt een uniek verhaal. En juist die verhalen verdienen het om gezien, gehoord en ondersteund te worden.
Wij onderschrijven, net als jullie, dat de diversiteit van mantelzorgers in beeld brengen een belangrijke basis is.
Hoe krijgen we dat, behalve landelijk, ook in de regio samen voor elkaar?
Wij sturen aan op een mantelzorgakkoord waarvan onze gemeente de regiehouder is. Het is een samenlevingsvraagstuk dat op alle levensgebieden en alle leeftijden aandacht nodig heeft. We blijven daarvoor aandacht vragen.
We willen speciaal aandacht voor minderheidsgroeperingen: biculturele achtergrond, LHBTQI doelgroep en mantelzorg, heel jonge kinderen tot 13 jaar. En brengen het intersectorale benaderen van Mantelzorg onder de aandacht. Er is een vlechtwerk aan factoren die professionals moeten leren erkennen, die van invloed zijn op de draagkracht en draaglast van alle mantelzorgers van heel jong tot heel oud.
Er is in preventieve zin weinig om de mantelzorgers passend te ondersteunen.
Vaak is het te laat als ze om hulp vragen.