Mantelzorgers hebben niet alleen welzijn nodig

Steeds vaker zien we gemeenten inzetten op vormen van “welzijnsondersteuning”. Dat gebeurt onder allerlei namen:
Welzijn op Recept, sociale ondersteuning, positieve gezondheid, buurtactiviteiten, ontmoetingsgroepen, welzijnscoaches of het sociaal domein.

Het idee daarachter is begrijpelijk.

Niet iedere klacht vraagt om medische zorg. Soms helpt sociaal contact, structuur, beweging of ontmoeting mensen echt vooruit. En laat daar geen misverstand over bestaan: sociaal werkers en welzijnsorganisaties doen vaak ontzettend waardevol werk. Zij proberen dagelijks mensen te ondersteunen binnen een systeem dat steeds ingewikkelder wordt.

Dit stuk is dan ook geen aanval op hen.
Maar wél op een ontwikkeling die we steeds duidelijker zien:
mantelzorgers met structurele overbelasting worden steeds vaker richting welzijn gestuurd, terwijl hun probleem vaak veel dieper ligt.

Want de mantelzorgers die wij spreken zijn meestal niet simpelweg mensen die “meer onder de mensen moeten komen”.

Wij spreken mensen die:
– jarenlang intensieve zorg combineren met werk,
– financieel inleveren,
– chronisch vermoeid raken,
– vastlopen in regels en wachtlijsten,
– nauwelijks rust ervaren,
– en ondertussen steeds meer zorgtaken overnemen van een zorgsysteem dat zelf onder druk staat.

Dan wringt het als de oplossing vooral gezocht wordt in:
– een activiteit,
– een gesprek,
– een ontmoetingsgroep,
– of “meer balans”.

Want overbelasting door mantelzorg ontstaat vaak niet doordat iemand te weinig welzijn heeft.
Het ontstaat doordat mensen structureel te veel dragen.

En precies daar raakt het aan een bredere maatschappelijke ontwikkeling.

Professionele zorg wordt schaarser.
Mensen moeten langer thuis wonen.
Ondersteuning wordt ingewikkelder toegankelijk.
En steeds vaker verschuift de verwachting richting:
familie, partners, kinderen en mantelzorgers.

Tegelijkertijd groeit de inzet op welzijn en sociale ondersteuning.

Maar we moeten oppassen dat welzijn geen antwoord wordt op problemen die eigenlijk voortkomen uit zorgtekorten.

Vanuit het onderzoek van Mantelzorgelijk zien we bovendien iets belangrijks:
de aanwezigheid van ondersteuning betekent nog niet dat die ondersteuning daadwerkelijk impact heeft.

Een groot deel van de mantelzorgers geeft aan beschikbare ondersteuning niet te gebruiken, of onvoldoende effect te ervaren op de daadwerkelijke belasting. Toch worden dit soort welzijnsvoorzieningen in beleid vaak wél meegeteld als ‘ondersteuning van mantelzorgers’.

En precies daar ontstaat een ongemakkelijke werkelijkheid.

Want op papier lijkt er van alles aanwezig.
Maar in de praktijk blijven mantelzorgers vaak even overbelast.

Want een mantelzorger die uitgeput raakt door jarenlange verantwoordelijkheid heeft soms niet vooral behoefte aan “meedoen”.
Die heeft behoefte aan:
– daadwerkelijke overname van zorg,
– praktische ondersteuning,
– financiële lucht,
– rust,
– tijd,
– en een systeem dat grenzen durft te erkennen.

Dat betekent niet dat welzijn waardeloos is.
Het betekent dat welzijn alleen niet genoeg is wanneer de onderliggende zorgdruk structureel te hoog is geworden.

En dat gesprek moeten we eerlijk voeren.

Niet omdat sociaal werkers tekortschieten.
Maar omdat we anders langzaam normaal gaan vinden dat structurele overbelasting van mantelzorgers wordt opgevangen met welzijnsactiviteiten, terwijl de echte zorgdruk blijft bestaan.

Want zorg verdwijnt niet.

Zij verschuift.

Avatar foto

Marjolijn Bruurs is sociaal ondernemer, voorzitter van Stichting Mantelzorgelijk en initiatiefnemer van Mantelzorgelijk.nl. Als ervaringsdeskundige en mantelzorgactivist maakt zij zichtbaar waar beleid en praktijk uit elkaar lopen en wat dat betekent voor mantelzorgers. Ze zet zich in voor structurele verandering, spreekt zich uit waar systemen tekortschieten en pleit voor beleid waarin de grenzen, bestaanszekerheid en stem van mantelzorgers daadwerkelijk leidend zijn.

Comments (0)

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top