Gejammer over mantelzorgen? Onze reactie!

Reactie op het opiniestuk in de Volkskrant van 24 juni j.l. met de titel: ‘Wie het gejammer over mantelzorgen hoort, vergeet bijna dat we vroeger ook voor ouderen zorgden.” 

We moeten reageren op het opiniestuk van Sander Schimmelpenninck, want we zijn het hier absoluut niet mee eens. Waar heeft hij het over? Hij blijft mantelzorgers wegzetten als verwende deeltijdprinsessen die zwelgen in slachtofferschap en excuses. Hij versterkt hiermee het beeld dat mantelzorgen een futiliteit is en gaat voorbij aan de werkelijke gevolgen van intensief mantelzorgen. Want heeft hij ooit wel eens 2, 4, 6, 12 of 24 uur per dag voor iemand gezorgd? En dat jaar in, jaar uit?

Nu neemt hij de stelling in dat er vroeger ook gewoon voor ouderen werd gezorgd. Dat klopt helemaal! Vroeger deden we de was ook met de hand en was Sinterklaas alleen een kinderfeest. Maar tijden veranderen. Zo ook rond de zorg voor onze ouderen.

Laten we wat feiten op een rij zetten zodat we het mantelzorgen van vandaag in de juiste context zetten en ons niet laten leiden door de fijne familiezorg in de goede oude tijd. Want er zijn nogal wat verschillen. Vroeger was de rol van de vrouw heel anders, ze was vaker thuis, moest stoppen met werken als ze trouwde en had zodoende meer ruimte om te zorgen. Vroeger hadden we grote gezinnen en waren er meer kinderen om deze zorg te delen. Vroeger hadden we ook nog verzorgingshuizen en zo kunnen we nog wel even doorgaan.

Het is kortzichtig om het familiesysteem en de samenleving van vroeger neer te zetten tegen de huidige maatschappij en mantelzorgers daar vervolgens op af te rekenen. Sterker nog, het getuigt van onwetendheid, polarisatie en stemmingmakerij. Het mist iedere nuance. Zeker nu mantelzorgers binnen het huidige zorgsysteem en de vergrijzing gezien worden als de (onbetaalde) oplossing voor de personeelskrapte, wachtlijsten en snelle doorstroming vanuit de ziekenhuizen.

Sander lijkt geen flauw benul te hebben van de werkelijke impact van mantelzorg op betaald werk en de kwaliteit van leven. Hij bagatelliseert de uitdagingen waarmee mantelzorgers worden geconfronteerd, en dat dit gaat ten koste van hun bestaanszekerheid, gezondheid en economische positie. Het is een oordeel die de liefdevolle en belangeloze inzet van mantelzorgers schoffeert.

Mantelzorg is geen lichte taak. Het verzorgen van een zieke of hulpbehoevende naaste vergt vaak veel tijd, energie en emotionele inspanning. Naast je eigen leven.  Veel mantelzorgers staan voor de uitdaging om hun betaalde werk te combineren met de zorgtaken die ze op zich nemen. Dit kan leiden tot overbelasting, stress en zelfs burn-out. Veel werkende mantelzorgers ervaren financiële druk en onzekerheid. Ze moeten hun werktijden aanpassen, verlof opnemen of zelfs minder gaan werken om de zorgtaken te kunnen vervullen. Dit heeft directe gevolgen voor hun inkomen, carrièremogelijkheden en toekomst.

Het is belangrijk om te erkennen dat mantelzorg een essentiële rol speelt in onze samenleving. Het zorgt ervoor dat mensen in hun vertrouwde omgeving kunnen blijven en ondersteunt de solidariteit tussen generaties. Maar het is onrealistisch en oneerlijk om te verwachten dat mantelzorgers deze taken in 2024 zonder consequenties kunnen uitvoeren. Ruim een half miljoen mantelzorgers is zwaar overbelast en loopt het risico om de schaduwpatiënt achter een zorgvrager te worden.

Het is van cruciaal belang dat er meer begrip en ondersteuning komt voor (werkende) mantelzorgers. Werkgevers moeten flexibele werktijden en verlofregelingen aanbieden, zodat mantelzorgers de zorgtaken kunnen vervullen zonder hun baan in gevaar te brengen. Daarnaast is het belangrijk dat er voldoende maatschappelijke ondersteuning is, zoals respijtzorg en professionele hulp, om mantelzorgers te ontlasten.

Helaas doet Sander Schimmelpenninck de impact van mantelzorg af als irrelevant, maar hij vergeet dat het welzijn en de bestaanszekerheid van mantelzorgers behoorlijk in het gedrang komen. Laten we in plaats daarvan meer empathie tonen en werken aan een samenleving waarin werk en zorg beter in balans zijn. Want ook voor mantelzorgers gelden de basale mensenrechten.

Hierbij nodigen we Sander van harte uit voor een persoonlijk gesprek om zijn blik en kennis rond het thema mantelzorg te verruimen, verbreden en te verdiepen. Want als je niet weet waar het over gaat, dan rijd je inderdaad via de mooie achteruitkijkspiegel van vroeger onwetend de toekomst van nu in.

Avatar foto

Margreet van der Voort en Marjolijn Bruurs zitten niet alleen met elkaar in het bestuur van Mantelzorgelijk maar zij delen ook heel veel dezelfde ideeën over alles wat te maken heeft met ouderen- en mantelzorg. Als zij in de media iets tegenkomen dat hen verheugt, verbaast of shockeert gaan ze samen op onderzoek uit. De één stapt op de bron af, de ander doet het inhoudelijk speurwerk en dan.... komen er dit soort columns uit.

Comments (1)

  1. Geheel mee eens dat er een reactie gegeven moet worden op de column van Sander Schimmelpenninck. Ik was er gisteren zo boos over dat ik al een brief heb gestuurd naar De Volkskrant met de volgende inhoud:

    “Sander Schimmelpenninck heeft het in de titel van zijn column van 24 juni 2024 over “gejammer over mantelzorgen” en stelt dat we vergeten zijn dat we vroeger ook ouderen verzorgden.
    Vervolgens goochelt hij wat met cijfers om zijn gelijk te behalen dat “we te weinig werken”. Hij vergeet echter dat de zorg voor ouderen en zieken vroeger anders ingebed was in de maatschappij.
    Ouders die zorg nodig hadden woonden vaak bij één van de gezinnen van de kinderen in, waardoor er voor de zorg geen reistijden hoefden te worden gemaakt. Daarbij werd dan één gezin met de zorg belast. De andere kinderen hadden “er geen /weinig last van” en konden gewoon doorgaan met hun leven. Kinderen woonden ook veel vaker dan nu dichtbij hun ouders. Het verkeer was minder druk, waardoor er veel minder reistijd nodig was om de zorg aan ouders te kunnen bieden. Ook waren er nog bejaardenhuizen en serviceflats waar ouderen konden wonen en daar professionele zorg konden ontvangen om zoveel mogelijk toch zelfstandig te blijven en niet te vereenzamen.
    Toen de bejaardenhuizen en serviceflats in rap tempo massaal werden gesloten vanwege “bezuinigingen” moesten ouderen langer thuis wonen, omdat er geen/nauwelijks woonvoorzieningen zijn waar ze zorg op maat konden ontvangen. Het aantal verzorgenden in de thuiszorg nam niet toe. Sterker nog, ook daar werd stevig bezuinigd. Er werden en worden steeds meer taken op het bordje van de mantelzorger neergelegd. Ook taken die voorheen door professionals werden gedaan. Inmiddels is het al zover dat er in Limburg een test is gedaan met een mantelzorgacademie waar mantelzorgers vaardigheden leren om nog meer handelingen van professionals over te nemen. Daarbij is niet duidelijk wie de verantwoordelijkheid draagt als er fouten worden gemaakt. Dat leidt tot overbelasting en stress en dus minder beschikbaarheid voor de arbeidsmarkt.

    Tot 1 januari 1956 kregen de getrouwde vrouwen in Nederland pas het recht om betaalde arbeid te verrichten. Vrouwen werden opgevoed “om te trouwen en kinderen te krijgen”. Dat deze vrouwen ook dochters (en zonen) kregen die een andere toekomst tegemoet gingen dan hun moeders vergeet hij voor het gemak. De vrouwen die vanaf die tijd tot aan de jaren tachtig de arbeidsmarkt opgingen moesten dan ook zelf uitvinden “hoe het er op de arbeidsmarkt aan toe ging”. Ze kregen onder andere te maken met weerstand van mannen die “eraan moesten wennen dat ze moesten samenwerken met vrouwelijke collega’s”.
    Zodra er kinderen komen zijn er nog steeds de vrouwen die minder gaan werken. Zorgtaken worden nog te vaak niet eerlijk verdeeld over mannen en vrouwen. Dat geldt ook voor de mantelzorg. In het leeuwendeel van de gevallen waarin mantelzorg nodig is wordt er eerst een beroep gedaan op de dochters en schoondochters om minder te werken om zorg te verlenen. Daarbij wordt ook letterlijk vaak aan hen gevraagd om betaald werk in te leveren. Deze (schoon)dochters worden daar niet financieel voor gecompenseerd en dat heeft ook gevolgen voor hun pensioen. Nee, het is niet altijd altruïsme dat zij deze zorg op zich nemen, maar eerder een verantwoordelijkheidsbesef waar ik niets over lees bij Sander Schimmelpenninck. ”

    Ik heb al wel een ontvangstbevestiging binnen. Als deze brief wordt geplaatst laat ik het weten. Mocht deze brief niet geplaatst worden dan denk ik dat we een opiniestuk aan moeten leveren waarin we de problematiek van de mantelzorger moeten verduidelijken. Ik wil daar wel in meedenken om dit te schrijven. Volgens mij moeten we nog meer duidelijk maken hoe vrouwen daar nu gemakkelijk emotioneel gechanteerd worden om betaald werk in te leveren voor het verlenen van gratis mantelzorg en daarbij ook de gevolgen die in de column van vandaag worden benoemd. Daarbij mogen deze nog wel wat sterker neergezet worden.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top