“Alle peuters testen op autisme is niet zinvol”

Kindenjeugdggz_bij_bosman-300x200Het is niet zinvol om bij alle peuters te onderzoeken of ze autisme hebben. Dat schreef een Amerikaanse werkgroep voor preventieve geneeskunde deze week in het medisch-wetenschappelijke blad JAMA – wij delen dit artikel vanuit nrc.nl. De Amerikanen hebben gekeken naar diagnostische screeningstests die bedoeld zijn om autisme bij kinderen van tussen de 18 en 30 maanden oud op te sporen. Het beschikbare wetenschappelijke bewijs is „ontoereikend” om uit te maken of deze tests zinvol zijn of juist schadelijk. Het schaadt de interactie tussen ouder en kind als ouders zich veel zorgen maken over hun kind.

Over het algemeen wordt de diagnose ‘stoornis in het autistisch spectrum’ een paar jaar later gesteld – in Nederland gemiddeld rond het vijfde of zesde levensjaar.

In de Verenigde Staten adviseren beroepsverenigingen van kinderartsen en kinderpsychiaters momenteel wel om alle kinderen vroeg te testen. De Amerikaanse vereniging van huisartsen raadt screening juist af.

Het gaat er bij dit soort onderzoek om of het zin heeft alle kinderen te screenen. Wanneer de test autisme aangeeft, kan een kind gedragstherapie krijgen. De test is bij peuters niet heel nauwkeurig. Kinderen kunnen dan onterecht het etiket autisme krijgen. Of de diagnose wordt gemist. Hoewel het afnemen van de testen weinig belastend is, en gedragstherapie geen nadelige gevolgen heeft voor de kinderen, ontbreekt het bewijs dat zij later in het leven beter af zijn met een vroege diagnose. Daarom is het niet verantwoord, schrijven de artsen in het JAMA-artikel, om van gezinnen de extra investering in tijd en middelen te vragen die met de diagnose samengaat.

Ouders merken zelf vaak al vroeg dat er iets ‘anders’ is aan hun kind

In Nederland worden kinderen nog niet gescreend, maar zijn er wel plannen. We schreven er eerder over op Mantelzorgelijk. Wanneer het consultatiebureau ziet dat een kind in zijn ontwikkeling achterblijft, of wanneer de ouders een ‘niet pluis’-gevoel hebben, wordt er wel op autisme getest.

Ouders merken zelf vaak al vroeg dat er iets ‘anders’ is aan hun kind. Vier op de vijf ouderparen constateert dat al voor het kind twee jaar is.

Kinderpsychiater Jan Buitelaar van het Radboudumc in Nijmegen kan er wel inkomen dat een algemene screening van peuters weinig oplevert. „In 2000 concludeerden wij al dat zoiets te ingrijpend zou zijn, na een onderzoek onder 30.000 kinderen.” Maar het is wel belangrijk om alert te zijn, zegt Buitelaar. Want een vroege onderkenning vergroot de mogelijkheden om het kind te ondersteunen en bij te sturen in zijn ontwikkeling.

Bij een kind met een autistische stoornis valt vaak al vroeg op dat het geen oogcontact maakt, dat het niet speelt met andere kinderen of dat het stereotiep gedrag als wiegen, draaien of hoofdbonken vertoont. Andere signalen zijn relatief laat gaan praten en het hebben van intense aandacht voor specifieke voorwerpen.

Bron: nrc.nl

is journalist, netwerkbouwer, trainer en vertaler. Zij werkt in Nederland en Duitsland op het gebied van media, politiek en zorg.

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top