Deel 4 – Werken én zorgen

We vragen steeds meer van elkaar, meer werken, langer werken en tegelijkertijd wordt ook steeds vaker een beroep gedaan op ons om voor elkaar te zorgen. Dat klinkt misschien mooi: meer naar elkaar omkijken, meer verantwoordelijkheid nemen voor onze naasten. Maar hoe combineer je dat eigenlijk? Ik weet inmiddels uit eigen ervaring dat het niet vanzelf gaat..

Toen mijn moeder overleed, veranderde mijn leven in korte tijd volledig. Ik kreeg niet allen te maken met het verlies van mijn moeder, maar ook met de zorg voor mijn vader. En, zoals ik eerder vertelde, ging ik uiteindelijk bij hem wonen.

Alsof dat nog niet genoeg was, verloor ik in diezelfde periode ook mijn baan na ruim dertig jaar dienstverband. Ik was compleet uit het veld geslagen. Er was veel gebeurd en ik had sterk het gevoel dat mijn privésituatie daarin zeker een rol had gespeeld. Maar daarover ga ik het hier niet uitgebreid hebben. Wat voor deze blog belangrijker is, is wat er daarna gebeurde.

Het UWV

Want ineens moest ik niet alleen mijn leven opnieuw organiseren, maar ook weer de arbeidsmarkt op. Ik kreeg met het UWV te maken en laat ik het netjes houden: dat was niet bepaald rustgevend.

Ik kreeg na lang aandringen tijdelijk vrijstelling van de sollicitatieplicht om de situatie thuis op orde te krijgen. Maar daarna werd van mij verwacht dat ik voor 40 uur per week zou solliciteren. Deed ik dat niet, kon dat gevolgen hebben voor mijn WW-uitkering.

Op papier waren dat misschien logische regels. Maar mijn werkelijkheid was anders: Ik was aan het rouwen. Zorgde voor mijn vader en had zelf eerder ernstige gezondheidsproblemen gehad. En thuis was steeds meer zorg nodig.

Toch moest ik tegelijkertijd beschikbaar zijn voor 40 uur op de arbeidsmarkt. Ik besloot uiteindelijk te kiezen voor een baan van 28 uur. Niet omdat ik niet wilde werken. Juist omdat ik wilde blijven werken én de zorg voor mijn vader moest kunnen blijven combineren met mijn eigen leven.

En daar zit voor mijn een belangrijk verschil.  Minder werken betekent niet automatisch minder willen bijdragen. Soms betekent het juist dat je probeert alle ballen die je op dat moment hebt, zo goed mogelijk in de lucht te houden.

Werkgever

Gelukkig kwam ik daarna bij een werkgever terecht die mij daarin enorm heeft gesteund. Inmiddels werk ik daar bijna tien jaar.

Natuurlijk ging ook daar niet altijd alles vanzelf. Naarmate mijn vader verder achteruitging, werd het steeds moeilijker om werk en mantelzorg te combineren. Maar vanuit mijn werkgever heb ik vooral begrip en steun ervaren. Daar ben ik dankbaar voor, nog steeds.

Want daardoor heb ik beide kanten meegemaakt. Ik weet hoe het voelt wanneer regels en verplichtingen nauwelijks ruimte lijken te laten voor de werkelijkheid van een mantelzorger. Maar ik weet inmiddels ook hoe het voelt wanneer een werkgever niet alleen naar de werknemer kijkt, maar ook naar de mens achter die werknemer. En dat maakt het verschil.

Een mantelzorgvriendelijke werkvloer betekent uiteraard ook niet dat alles maar moet kunnen.  Het betekent dat er ruimte is om samen te kijken. Kan een afspraak anders worden gepland? Is er tijdelijk wat meer flexibiliteit mogelijk? Kan iemand zijn uren aanpassen? Kan er begrip zijn voor een slechte nacht of een onverwachte zorgsituatie?

Dat soort dingen kunnen voor een mantelzorger ontzettend veel betekenen. En misschien nog belangrijker: het kan ervoor zorgen dat iemand niet uit hoeft te vallen voordat er überhaupt naar oplossingen is gekeken.

Maar daar ligt wat mij betreft ook een verantwoordelijkheid die verder gaat dan de werkgever. Want het kan niet zo zijn dat het puur afhankelijk is van geluk. Geluk met een werkgever die met je meedenkt, een leidinggevende die begrijpt wat mantelzorg betekent. En geluk met collega’s die begrip tonen.

We vragen als samenleving steeds nadrukkelijker van mensen om meer voor hun naasten te zorgen. Tegelijkertijd vragen we mensen om meer én langer te werken.

Maar hoe dan?

Als we willen dat mensen zorg voor elkaar blijven dragen, moeten we ook zorgen dat werk én mantelzorg daadwerkelijk te combineren zijn. Dat vraagt niet alleen iets van de mantelzorger. Het vraagt iets van werkgevers. Maar het vraagt zeker ook van de overheid!

Want uiteindelijk zijn het politieke keuzes die bepalen hoeveel ruimte mensen krijgen om werk en zorg met elkaar te combineren. Regelingen, verlof, inkomenszekerheid, ondersteuning en arbeidsmarktbeleid zijn geen details als je tegelijkertijd van mensen verwacht dat ze meer voor elkaar gaan zorgen.

Van mantelzorgveteraan tot mantelzorger

Als het combineren van werk en zorg moeilijk wordt, betekent dat niet automatisch dat jij tekortschiet. Praat erover, geef je grenzen aan en kijk samen naar wat wél kan. Wacht alsjeblieft niet tot je volledig bent opgebrand. Want mantelzorg is geen sprint, het is vaak een lange weg. En die weg wordt een stuk beter vol te houden als je hem niet voortdurend tussen twee werelden hoeft af te leggen.

Daarom blijven wij ons inzetten voor jou. Voor betere regelingen, meer begrip en ruimte om werk en mantelzorg te combineren. Want jij zou niet steeds degene moeten zijn die zich aan het systeem moet aanpassen.

Wij blijven jouw verhaal delen, zichtbaar maken wat er beter moet en ervoor strijden dat mantelzorgers niet tussen wal en schip raken. Mantelzorgvriendelijk beleid zou geen luxe moeten zijn, maar de basis.

Ik heb beide kanten ervaren, de harde en de warme. Daarom weet ik: het kan wel. Maar daar moeten we wel samen voor knokken!

Avatar foto

Jolanda Groothuis is bestuurslid van Stichting Mantelzorgelijk en voormalig mantelzorger voor haar vader Willem. Vanuit haar eigen ervaring weet zij hoe belangrijk herkenning, steun en een plek om ervaringen te delen kunnen zijn. Die betrokkenheid zet zij nu in binnen Mantelzorgelijk, waar zij zich sterk maakt voor een krachtige stem van mantelzorgers en voor meer onderlinge verbondenheid. Haar overtuiging is helder: samen staan mantelzorgers sterker.

Comments (0)

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top