Zorgen voor je moeder: 'Dwaalgast' – #dementie

Er hing vanmiddag een gespannen sfeer in de woongroep van ma. Zij zat zelf rustig op de bank, samen met een van de dames naar de tv te kijken. Een kinderprogramma. Maar de vrouw die tot voor enkele maanden de ‘vriendin’ van mijn moeder in huis was, is onrustig. Mijn moeder trekt allang niet meer met haar op, ze zijn qua ontwikkeling duidelijk uit elkaar gegroeid. Terwijl ma een beetje wegzinkt in haar wereld en vooral rust zoekt, is die andere mevrouw voortdurend onrustig. Ze kan geen twee seconden op een stoel zitten. Ze dwaalt rond, valt medebewoners lastig, zit aan de spullen in de keuken en de administratie van de verzorgsters. Af en toe loopt ze de kamer van een bewoner binnen en neemt daar iets weg. En als ze eenmaal iets vast heeft, laat ze niet meer los. Of dat nu wasgoed is, of een telefoon, of de hand van een van de verzorgsters. Het is soms een hele strijd om te zorgen dat ze weer loslaat. En nog moeilijker om haar te bewegen om even te gaan zitten. Het is triest om te zien, hoe ze zichzelf in de weg zit. Of loopt, eigenlijk. Ze is bekaf van het heen en weer lopen en het zoeken naar ‘iets’, het zweet breekt haar uit. Haar gedrag vergt voortdurend aandacht van de verzorgsters. Maar die hebben geen tijd. Er moeten twee bewoners uit bed gehaald worden, er moet iemand naar de wc, er moet nog een en ander geregistreerd worden en het is net een wisselmoment van de dienst. En nu is er nog maar één verzorgster, die nu ook aan de slag moet voor het eten. Dat betekende dat ik een groot deel van de middag met deze bewoonster in de weer was. Gingen we maar rondjes door het huis lopen. Dan weer even ergens zitten. Dan zat ze weer aan de rolstoel van een bewoner te frutselen, die daar dan weer boos om werd. Dan ging ze met de jas van een van de verzorgster aan de haal. Ze probeerde mijn shirt uit te trekken. Zelfs een kopje koffie kon haar niet verleiden om even te zitten. Uiteindelijk kreeg ze een ‘pilletje’ toegediend. Daar zou ze rustiger van moeten worden. Het had echter weinig effect. Een aantal weken terug maakte ik me boos over het ogenschijnlijke gemak waarmee ze deze onrustige bewoonster drogeerden om haar te kalmeren. Maar nu na een uurtje met haar rondsjouwen en pogingen om haar af te leiden, snap ik het wat beter. En wat moet je anders als je in je eentje de zorg voor acht bewoners hebt? Natuurlijk ben ik best bereid om een handje toe te steken, maar de aandacht en zorg voor mijn moeder kwam wel in het geding. En dat vind ik dan wel weer heel vervelend. Dus had ik maar korte momentjes met ma om met haar te kletsen en te knuffelen. Gelukkig lukte het na veel pogingen om de mevrouw op een stoel aan tafel te krijgen. Maar niet eerder dan dat het eten voor haar neus werd neergezet. Als eerste, anders zou ze het pikken van een andere bewoner. Zucht. Bekaf verlaat ik de woongroep. Voor mij waren dit maar een paar uurtjes. Maar ik heb te doen met de verzorgster die de klus in haar eentje moet zien te klaren. En ook met de bewoonster zelf, die ook niet weet wat ze met zichzelf aan moet. Ik hoop maar dat mijn moeder nog heel lang haar kalme zelf blijft.

Annette de Bus is nabestaandenbegeleider, fondsenwerver en tekstenmaker.

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top