Sanne, 24 jaar en zus van een gehandicapte broer #zorgintensiefkind

Sanne is 24 jaar. Ze heeft een 2 jaar oudere broer die een ontwikkelingsleeftijd van een jaar of 6 heeft.

Sinds een jaar woont Sanne samen met haar vriend. Tot die tijd woonde ze thuis, met haar ouders en haar (verstandelijk) gehandicapte broer. Haar broer woont nog steeds bij haar ouders thuis.

Een vriendin van Sanne had ergens gelezen dat May-D coaching zich gespecialiseerd heeft in het coachen van ouders en broers en zussen van kinderen met een beperking. Zo kwam ze bij mij terecht.

Sanne voelt zich de laatste maanden erg moe, heeft weinig energie en ze heeft nergens zin in. Dit terwijl ze altijd een energieke en vrolijke meid was. Altijd overal voor te porren.

Al tijdens het intake gesprek vertelt Sanne dat ze veel last heeft van vroeger. Snel vertelt ze daar ook achteraan dat ze een hele fijne jeugd gehad heeft. Ze hadden een hecht gezin met z’n vieren.

Gedurende de daaropvolgende coachwandelingen vertelt ze veel over vroeger. Het was fijn thuis. Ze kwamen niets tekort. Geld was er genoeg, waardoor het hele gezin er vaak op uit trok en leuke dingen deed.

Ze had altijd wel in de gaten dat het moeilijk voor haar ouders, en dan met name voor haar moeder, was om een gehandicapte zoon op te voeden. Al vroeg pikte ze dingen op uit de gesprekken die haar moeder met haar vader of met vriendinnen had waardoor het voor haar duidelijk was dat haar moeder het moeilijk had.

Toen Sanne ouder werd deelde haar moeder al haar zorgen om haar broer met haar en werden ze dikke vriendinnen. Moeder en dochter. Zelfs de problemen die moeder met vader had werden onderwerp van gesprek. Sanne vond dat  prima en was blij dat ze haar moeder zo goed tot steun kon zijn.

Sanne heeft nooit ‘gepuberd’. Wat ze wel gedaan heeft? Ze heeft vooral altijd haar best gedaan om lief, begripvol en niet lastig voor haar ouders te zijn. Met goede cijfers heeft ze de middelbare school afgemaakt en daarna is ze begonnen aan haar studie. Twee jaar heeft ze haar studie gevolgd waarna ze erachter kwam dat de studie die ze volgde helemaal niet leuk vond en er ook niets mee wilde.

Eigenlijk, zo weet ze nu, is ze deze studie richting vooral gaan volgen omdat ze dacht haar ouders daar een plezier mee te doen. “Zodat ze trots op me zouden zijn. Mijn broer kan op dit vlak al helemaal niet voor ze betekenen” zo zegt ze.

Sinds Sanne op zichzelf woont en vanaf een afstand naar haar jeugd en de situatie thuis kan kijken realiseert ze zich dat ze eigenlijk altijd voor anderen geleefd heeft. Ook voor haar broer, waar ze altijd veel dingen mee deed.

Zelfs als zij met vrienden ergens heen ging dan nam ze haar broer weleens mee. “Wat vond ik het geweldig om te zien hoe fijn mijn ouders dat vonden”, zegt ze. Nu realiseert ze zich dat ze dat vooral voor haar ouders en haar broer deed, maar niet voor zichzelf. “Want” zegt ze “eigenlijk heeft het mijzelf altijd beperkt, maar dat merk ik dus het laatste jaar pas”.

Ze komt tot de conclusie dat ze vaak en veel ‘op eieren heeft gelopen’, eigenlijk altijd wel last van spanningen had en dat haar jeugd dus niet zo rooskleurig is geweest als ze altijd dacht. Het voelt een beetje “als een grauwe deken die over mij heen hangt en waar ik zo graag vanaf wil” zegt ze.

Sanne’s broer woont nog steeds thuis. Dat baart haar zorgen, want ze weet niet wat ze moet als haar ouders straks niet meer voor haar broer kunnen zorgen of, erger nog, komen te overlijden. Ze is bang dat de volledige zorg dan op haar schouders terecht komt.

Door open en eerlijk over haar jeugd te praten, zonder zich in te hoeven houden en zonder daarover veroordeeld te worden wordt het allemaal iets minder zwaar en kan Sanne het wat beter in perspectief zien.

Ze besluit in kleine stapjes eens met haar ouders te gaan praten.

In het eerste gesprek vraagt Sanne aan haar ouders hoe zij haar jeugd ervaren hebben. Dan blijkt dat haar ouders er niets van gemerkt hebben dat het hele gezinsleven rondom haar gehandicapte broer zo’n impact op Sanne heeft gehad.

Als Sanne haar ouders, in een volgend gesprek, vertelt hoe zij het ervaren heeft schrikken ze en hebben ze er nooit erg in gehad dat het zoveel van Sanne gevraagd heeft.

Het ging gewoon zoals het ging en in alle drukte en moeilijkheden rondom Sanne’s broer dachten Sanne’s ouders dat zij zich wel zou redden. Zij kon voor zichzelf op komen en doen en laten wat zij zelf wilde, haar broer kon dat niet.

Inmiddels zijn we een paar maanden verder. Sanne heeft een maand geen contact met haar ouders en broer gehad omdat ze dat nodig had om tot zichzelf te komen.

Na die maand bleek dat ze elkaar allemaal enorm gemist hadden. Het contact is beter geworden. Ze kunnen over (bijna) alles met elkaar praten, luisteren naar elkaar en respecteren van de ander hoe die het verleden ervaren heeft.

Sanne wil voorlopig eens per maand de coachwandelingen blijven volgen. Het doet haar goed.

Wat haar ouders betreft rest er nog één onderwerp. Ze wil graag, zeer binnenkort, haar zorgen wat betreft de toekomst van haar en haar broer aankaarten. Misschien wordt het wel tijd om naar een anderen woonplek voor hem uit te kijken. Maar ja, of haar ouders dat willen?

Dat wordt misschien wel het aller moeilijkste gesprek.

 

Dorothé Boots is moeder van twee zonen waarvan de oudste gehandicapt is. Zij blogt over wat zij in haar leven thuis, maar ook in haar coachingpraktijk, May-D coaching, meemaakt.

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top