Rare dagen

Terwijl ik dit zit te schrijven, ligt mijn moeder op haar sterfbed..

Ze had al twee keer eerder een dusdanige inzinking gehad (mentaal en fysiek), dat in overleg was besloten dat een volgend dieptepunt ook haar laatste zou worden; en onverwachts, toch nog, is dat moment nu aangebroken.

Twee dagen hiervoor is zij in slaap gebracht, op de verjaardag van een zus van mij.

Gisteren was de verjaardag van mijn eega: door corona maatregelen was ik de enige bezoeker, en terwijl ik dit blog uit zit te werken, is vandaag mijn nichtje (dochter van genoemde zus) jarig.

Dan staat Kerst ook nog voor de deur.

Ik had daar al veel langer niks meer mee, qua viering, maar nu is het helemaal raar, net zoals de verjaardagen ondertussen.

Het hart van mijn moeder is blijkbaar sterk, want ze is er nog steeds, slapend..

Voor de sedatie ingezet ging worden, hebben we vanuit het huis van jarige zus onze moeder nog bezocht voor een bewust afscheid.

We hebben het niet verteld tegen moeder, dat dit het laatste afscheid zou worden; dat leek ons “beter”.

Ze wilde in principe dit leven niet, wat ze een paar jaar heeft moeten leiden, daar was ze altijd duidelijk over geweest, en daarom is met elkaar besloten dat nu haar leven teveel lijden is geworden, het “hier” “mag” stoppen..

Ze heeft mijn hand nog vastgepakt en mij gevraagd de groeten te doen aan… toen wist ze even de naam niet van mijn eega, die ik voor haar invulde, en op zo’n manier hebben we allemaal afscheid van haar genomen, alsof het een gewoon bezoek was geweest.

Voor mij is het vervolgens dan weer moeilijk of en hoe dit tegen mijn eega te zeggen.

Ik kan het niet verzwijgen, vind ik, dus ik vertel hem wat er staat te gebeuren.

Hij schrikt en vraagt of ze dan zo “slecht” is; wat ik bevestig.

Ik waarschuw ook de zorg over dit bericht, niet wetende of en wat voor uitwerking dit bericht op hem zal hebben of krijgen, en daar zijn ze “blij” mee, want dan kunnen ze er rekening mee houden.

De volgende dag hoor ik hem nergens over, en ik doe daar dan maar aan mee, voor zijn rust.

Ja, eenzaam voelt het zo wel, maar wat heb ik eraan om bij hem allerlei emoties in de hand te werken waar hij vervolgens misschien niet mee om kan gaan, en wat dan ook bij mij terugkomt?

Dan ons allebei maar “ontzien”; met zijn eigen moeder zal hij vermoedelijk wel die confrontatie aan “moeten” of willen gaan, als dat zover zou zijn, maar daar ga ik zelf niet over in de eerste plaats, vind ik.

Ik krijg hem telefonisch amper te pakken..bedenk er allerlei verklaringen voor, maar uiteindelijk is het de meest voor de hand liggende, alhoewel dat afhankelijk is van hoe je het bekijkt, maar het is de telefoon zelf.

Het lijkt alsof die zijn beste tijd alweer heeft gehad, na twee jaar gebruik.

Ik bestel via internet een soortgelijke nieuwe.

Hij vertelt daarna dat de afdeling kennis heeft gemaakt met een echte Jordanees.

Ik schrik, denk eerst aan zijn zoon, maar nee, hij was het zelf.

De vorige dag had zijn zoon nog een Chinees maaltje voor hem achtergelaten, op zijn kamer, en “iemand” had gezegd dat het in de koelkast moest, maar vervolgens is dat dus niet gebeurd.

Het stond al die tijd aan de linkerkant op de tafel, voor de neus van mijn eega, bij wijze van spreken, maar ja, wat links staat, bestaat voor hem niet, dus hij ziet dat echt niet.

Als de zorg hem de volgende dag vraagt wat hij wil eten, verwijst hij naar de Chinese maaltijd (rond “eten” werkt zijn geheugen nog goed), maar vervolgens krijgt hij te horen dat er niks voor hem in de koelkast staat.

Hij wordt boos. “Ik ben toch niet achterlijk!”, zegt hij.

Uiteindelijk wordt de maaltijd op zijn tafel ontdekt; weet niet door wie (huiskamerdienst of zorg).

Zijn zoon, met wie hij ondertussen telefonisch contact heeft gehad, raadt hem dringend af die maaltijd nog op te gaan eten, wegens bederf, dus hij heeft niks en hij vertikt het om iets anders te gaan eten.

Personeel van de afdeling vond dat hij wel excuses mocht aanbieden vanwege het feit dat de maaltijd op tafel voor zijn neus stond, en voor zijn boosheid, die verder werd aangewakkerd nu hij ook nog excuses moest aanbieden voor iets waar hij zelf voor zijn gevoel geen schuld aan had, dus dat maakte de “echte Jordanees” in hem wakker, en hij had zijn boosheid botgevierd, volgens eigen zeggen, en hij genoot er ook nog van, zei hij.

De scheldwoorden waren niet van de lucht geweest.

“Sorry” zeggen doet hij sowieso niet makkelijk; soms wel voor iets waar in mijn ogen helemaal geen “sorry” voor nodig was, en om het eerstgenoemde heb ik voorheen ook weleens strijd met hem geleverd.

Zelf heb ik echter ook wel meegemaakt dat iemand “sorry” van mij wenste terwijl dat voor mijn gevoel onterecht was, dus ik kan er wel een eindje in meegaan nu, met zijn weigering, vooral natuurlijk omdat ik hier zelf buiten stond..

 

 

 

Mayke de Vries is na een carrière in de zorgsector nu vooral mantelzorger voor haar partner, die helaas na een grote hersenbloeding in oktober 2019 in een zorginstelling kwam te wonen. Zij schrijft op Mantelzorgelijk over de veranderingen in hun leven.

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Back To Top