Pijnlijke gesprekken in het verpleeghuis

Deze week ben ik weer met regelmaat aanwezig op de revalidatieafdeling van het verpleeghuis. In 2020 was ik een vaste gast op deze locatie voor mijn moeder. Tijdens de lockdowns en tijdens de versoepelingen. Nu ben ik daar voor mijn broer. Er zijn nu geen maatregelen, veel lijkt hetzelfde, maar een hoop is anders. Er is pijn, veel pijn.

Precies twee jaar geleden schreef ik dat er te veel risico’s genomen werden met het onbeschermd werken en zorgen. Dat de zorgharten de oorlog in de coronacrisis moesten winnen met een klappertjespistool. Dat zich met de intelligente lockdown een stille ramp zou voltrekken. En mijn hart draait om als ik vandaag moet horen dat de lange termijneffecten echt diep triest zijn.

Onder het dunne laagje van ontspanning en plezier ligt direct de angst voor een nieuwe lockdown. Ik hoor de bewoners erover praten. Dat ze hebben gehoord dat het in het najaar weer mis zal gaan en dat ze hopen dat ze niet weer opgesloten worden. Dat kunnen ze niet nog een keer aan. En vervolgens halen ze het verdriet naar boven van de eerste lockdown. De angst, de eenzaamheid en het verlies van contact met alles wat ze lief is. Dit mogen we echt nooit meer toestaan.

Buiten vertelt een mevrouw me ineens dat ze een dochter van een bewoner heel goed kent. De dochter was heel erg betrokken bij haar moeder die door dementie steeds verder wegdreef. Ze liepen het pad samen. Tot de lockdown. Ze mocht haar niet meer zien en voelen. Na de lockdown werd ze door haar moeder niet meer herkend. Er was geen enkel teken meer van herkenning of van een gemeenschappelijke band. Deze dochter heeft haar moeder levend verloren tijdens de lockdown en is getekend voor het leven. Een onmenselijk verlies.

Als een verpleegkundige van de afdeling even gedag komt zeggen, dan begint ook zij direct over de sluiting en wat dat heeft betekend voor de bewoners, de familie en voor de verpleging. Ze vertelt hoe zwaar die periode is geweest en hoe ze zo lang onbeschermd hebben moeten werken. En dan voel ik haar woede. Woede over wat haar collega’s nu wordt aangedaan. Collega’s die in de eerste golf in de frontlinie stonden om te helpen en op het werk besmet zijn geraakt. Zorgmedewerkers die nog steeds niet in staat zijn om te werken en nu ontslagen zijn. Geen regeling, geen opvang. De klappende handen van het applaus geven je dan een klap in het gezicht. Onacceptabel vind ik dit!

De afgelopen twee jaar hebben diepe wonden geslagen bij iedereen die er mee te maken heeft gehad en die nog steeds de gevolgen ervan dragen. Het verdriet ligt net onder de oppervlakte onder een heel dun laagje hoop. Zoveel mensen die geraakt zijn. De pijnlijke gesprekken maken me duidelijk dat de maatregelen wel voorbij kunnen zijn, maar dat de wonden nog lang niet geheeld zijn.

Ervaringsdeskundige mantelzorger, veranderkundige/organisatieadviseur, moeder en echtgenote. Zorgt al jaren voor moeder en broer. Spreekt en schrijft over vraagstukken in het sociaal domein en mantelzorg. Rode draad is: opsporen, blootleggen, bespreekbaar maken en verbinden. Hiervoor kijkt en luistert ze met een open blik naar alle mensen en zaken die ze tegenkomt. Ze is gedreven om de positie van mantelzorgers te verbeteren en op te komen voor hun belangen. Margreet is tevens bestuurslid van onze stichting, projectleider en de schrijfster van ons MantelzorgManifest.

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Back To Top