skip to Main Content
Onze Wereld Met Meneer Alzheimer: Mams Afscheid

Onze wereld met meneer Alzheimer: Mams afscheid

“En toen ineens was daar het moment, zomaar, heel stilletjes is mam vertrokken. Ze is weer thuis, bijpa,  haar grote liefde en bij haar moeder, die ze de laatste tijd zo miste. En dus is het goed, ook al komt er voor ons nu een tijd van lachen en kapot gaan, vallen en het weer opstaan. Het is goed, het is allemaal goed.”

Zo begon op maandag 16 maart mijn afscheidswoord voor mam. Na een strijd van vijf dagen waarin wij toe leefden naar haar laatste reis, luisterde ze dinsdag tegen de avond nog eenmaal naar mijn woorden: “Het is goed mam. Ga maar…”. Ik gaf haar een kus en ging weer naast haar zitten en toen, toen werd het stil en bleef het stil.

Ik had vanaf vrijdagmiddag dagelijks bij haar gezeten. Afspraken gemaakt dat ze op bed mocht blijven tenzij ze zelf aangaf dat ze uit bed wilde. Inwendig boos geworden omdat ze zondagochtend toch weer aangekleed in de rolstoel zat. Wiebelend en ogen vol angst, vragend om iets wat ik niet kon regelen. Samen met de zorg haar rustig op bed gelegd en naast haar gezeten, gewoon aanwezig zijn terwijl zij in een onrustige slaap zakte.

Maandag hadden we MDO, al werd dit een gesprek over de weg die wij voor mam wilden, nu haar einde naderde. Het werd een lastig gesprek en er vloeiden tranen en er klonken harde woorden. Wat heb ik me toen hulpeloos gevoeld, want aan een arts vragen om palliatieve sedatie is geen makkelijke vraag. Als daar dan niet op wordt gereageerd zoals je voor ogen had, dan voel je de pijn nog harder binnen komen.

Dinsdag zou ik nog ‘gewoon’ gaan werken om daarna zorgverlof op te nemen. Eerst onze auto bij de garage gebracht en blij met de vervangende auto (we rijden zelf een Corsa en ik kreeg een hoge Mocca mee) waarmee ik naar mijn werk zou rijden. Maar eerst even langs mam, ze lag immers toch op bed, dus kon ik makkelijker even langs zonder haar vroeg wakker te maken. Gewoon even kijken en zeggen dat ik na mijn werk weer zou langskomen.

Toen ik de gang in liep, kwam mijn buurvrouw, die verzorgende is in het huis waar mam woont, me tegemoet en ik voelde gelijk dat er iets mis is. “We wilden je net bellen. Het gaat niet goed. Als ik jou was, zou ik niet meer weggaan.” Maar, hoe dan? Wat was er gebeurd? Oké, we waren maandagavond nog naar de spoedapotheek gereden voor Fentanyl omdat ze onrustig bleef, maar ze had een rustige nacht gehad, had ik in haar dossier gelezen.

Ik loop naar haar appartement en zie mam onrustig in bed liggen. Ik moet gaan bellen, mijn broer, mijn schoonzus. Een verzorgende vraagt of ik koffie wil. Na het bakkie troost, bel ik ook mijn leidinggevende en meld me af voor de komende dagen. Mijn man komt naar me toe zodra hij thuis is van zijn taxiwerk. Samen zitten we bij mam. Ze is onrustig, niet aanspreekbaar. Mijn hart huilt… En dan ineens loopt het appartement vol, mijn broer en zijn gezin komen binnen en ook de mams vriend komt. We waken bij haar, praten tegen haar, laten haar weten dat we er zijn. We laten haar niet meer alleen maar gaan ook allemaal even om beurten bij haar weg. Niet wetend dat haar afscheid zo dichtbij is.

Ik meld aan onze kinderen dat het niet goed gaat met oma. Was het echt nog maar gisteren dat we met zijn allen bij ons thuis zaten en het een gewone gezellige maandagavond was. Onze kinderen hadden toen aangegeven dat ze geen afscheid meer van oma kwamen nemen en gezien de situatie vind ik dat ook helemaal oké. Ze kunnen haar beter herinneren zoals ze was, niet zoals ze nu strijd.

Rond het middaguur wordt er dan toch gestart met sedatie en langzaamaan keert er rust over haar en die rust raakt ook mij. Ik ga ook even weg bij mam, even omkleden en knuffelen met onze hond en drie katten. Even opladen voor wat er komen gaat. Als ik terug loop naar mam, zitten haar medebewoners gezellig in de buurtkamer. Er wordt vrolijk gezwaaid naar me en ik zwaai terug. Hoe bizar eigenlijk, ze weten nog van niks, maar binnenkort zal er echt een lege plaats zijn aan de tafel. Met een traan in mijn ogen, open ik de voordeur en loop ik naar mams appartement.

In haar appartement heerst onrust en daar kan ik niet tegen. En dus loop ik naar mams slaapkamer en ga daar zitten. Heel even alleen bij haar, nog even samen zijn. Ik sta op en geef haar een kus en zeg haar dat het goed is, dat ze mag gaan. En voor ik iemand kan waarschuwen, weet ik het al, ze is weg. Mijn schoonzus komt binnen en ik zeg dat mam er niet meer is. Zij hoopt nog op die teug adem die mam zal nemen, maar ik weet het, ik voel het aan alles. Mam is overleden. Om me heen zie ik mensen huilen, ik hoor de verbazing en het ongeloof maar ik kan er niets mee. Ik sta op en loop de gang op, naar de buurtkamer waar ik de verzorgenden zie staan. Ik loop naar ze toe en zeg dat mam is overleden. Ongeloof, dat is wat ik ook hier zie. Ik zeg dat het goed is, dat ze rustig is ingeslapen en dat het echt goed is.

Er volgen rare dagen, dagen waarin wij met de uitvaartbegeleidster alles rondom de uitvaart van mam regelen. Maar het zijn ook dagen waarin het corona-virus Nederland binnenkomt en ons dagelijks leven ingrijpend lijkt te veranderen. Onze vrijheid binnen het woonzorgcentrum wordt beperkt, we mogen alleen nog van voordeur naar mams appartement en weer terug. Niet meer naar de buurtkamer, geen contact met verzorgenden en bewoners en anders op 1,5 meter afstand. In deze rare tijd nemen we op onze manier afscheid van mam en komen ook familieleden afscheid van haar nemen. Haar vriend komt met de trein naar ons toe en heeft het moeilijk met het moment van afscheid nemen van zijn meisje. Op zijn vaste donderdag is hij er gewoon en ook zaterdag komt hij weer. dan neemt hij definitief afscheid van zijn meisje. Een gebroken man, die zo goed voor onze moeder heeft gezorgd en 3 jaar lang bijna elke donderdag naar mam kwam.

Op woensdag nemen wij als gezin afscheid van mam, schoonmoeder en oma. Het is een fijn moment om dit met elkaar te doen. Afscheid nemen hoeft niet verdrietig te zijn. We halen herinneringen op en samen met onze dochter zit ik nog een tijdje bij mam, gewoon er zijn. Dat is ook waardevol.

Zondag 15 maart nemen ook wij afscheid van mam, ze lag opgebaard in haar kamer, gewoon op haar bed en nu wordt ze in haar kist gelegd. En kunnen we haar niet meer zien, aanraken, een kus geven, ons afscheid van onze moeder, schoonmoeder en oma. Onze uitvaartbegeleidster leest een prachtig gedicht voor en dan sluiten mijn broer en zijn gezin de kist.

En dan is het maandag 16 maart en nemen we afscheid van haar. Een afscheid met minder mensen omdat veel mensen hebben aangegeven dat ze niet durven te komen door het coronavirus. Het maakt allemaal niet uit, in gedachten zijn ze bij ons. Tijdens de ceremonie klinkt een lied van Robin van Beek over dementie `Herinnering vernevelt, ik bewaar hem wel voor jou. Ik zal jou steeds vertellen, hoeveel jij van me houdt..´ Een bijzonder lied

Avatar

Angelique Bangert

Mantelzorger voor onze moeder die na haar herseninfarct in 2010 problemen kreeg met haar geheugen. Pas in 2016 kreeg zij de diagnose vasculaire dementie/ziekte van Alzheimer. Sinds 2017 woont zij in een kleinschalig woonzorgcentrum bij mij op het dorp.

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top
X