skip to Main Content
Onze Wereld Met Meneer Alzheimer:  Helpen Zoals Zij Mij Vroeger Hielp

Onze wereld met meneer Alzheimer: Helpen zoals zij mij vroeger hielp

In mijn vorige blogs heb ik steeds teruggeblikt, maar nu een blog over het heden. Mams woont inmiddels ruim twee jaar in het woonzorgcentrum, zoals de overkoepelende organisatie het noemt.

Wat is er in die twee jaar veel gebeurd. Er zijn bewoners overleden en daardoor zijn er nieuwe bewoners gekomen. Er zijn verzorgenden naar andere instellingen gegaan, er is nieuw personeel bijgekomen. Soms kwam een verzorgende toch weer terug vanuit de andere instelling. We hebben een wissel gehad van evv-er, dat was een verandering, maar tot op heden een positieve. Ik ben blij met de korte lijnen die we hebben en kan het goed met de evv-er vinden en dat vind ik zelf heel belangrijk, je moet een klik hebben want anders blijven er misschien dingen onbesproken. Maar goed, even een blik op vandaag…

Het is al tegen twaalf uur als ik de buurtkamer instap. Aan een van de grote tafels zitten 6 dames en een jongeman gezellig aan de klets. Het blijkt dat ze een spel aan het spelen zijn en door middel van vragen met elkaar in gesprek zijn. Een medebewoonster van mams merkt mij op en ik loop naar de tafel en geef mams een dikke zoen. Ze is blij me te zien. Ik pak de kruk erbij en ga schuin tegenover mams zitten naast de nieuwste bewoonster van de afdeling van mijn moeder. De jongeman stelt nog wat vragen en met een van de dames wissel ik een klein zinnetje in het Noors. Zij spreekt het nog aardig en ik heb één jaar Noorse les gehad. Er volgt wat uitleg over het woordje ‘jeg’ dat je uitspreekt als jij en dat dat woordje vaak voor verwarring zorgt als Nederlanders Noors leren praten. Mams zit me op dat moment wat verbaasd aan te kijken. Maar dan meldt ze aan de jongeman naast haar, dat ik wel haar dochter ben. Toch altijd weer fijn om te zien en te horen dat ze me in de juiste context kan plaatsen.

Het middageten is bijna klaar en de tafel wordt gedekt. Er vindt een kleine volksverhuizing plaats om iedereen op de juiste plek aan de juiste tafel te krijgen. Ik loop even naar de keuken om een glas water voor mezelf te pakken en zie dat mams me kwijt is. Ze kijkt zoekend om zich heen en lijkt opgelucht als ze me weer in het oog krijgt. Ik neem mijn plek aan het hoofd van de tafel weer in, zo zit ik aan haar linkerkant en kan ik haar helpen met de maaltijd. Het eten wordt opgeschept en ik snijd het stukje gebakken kipfilet in kleine stukje, prak de aardappels en meng die met de sperziebonen. Een scheut jus erover en een flinke schep appelmoes en de maaltijd voor vandaag is weer ‘eet-klaar’. Ik schep wat op haar lepel en leg die netjes voor haar neer. De stukjes kipfilet leg ik op de rand van het bord. Ze kijkt eerst weer goed wat anderen doen maar haar overbuurvrouw heeft een mopperbui en roert wat in haar eten maar eet niet. Dat is jammer want mams spiegelt handelingen omdat zij het vaak zelf niet meer weet. Ik pak de lepel en breng die naar haar mond. Gewillig gaat haar mond open en neemt ze de hap van de lepel. Zo gaat het een tijdje door. Tussendoor pakt ze met haar handen een stukje kipfilet van de rand van het bord en eet dat lekker op. Ze biedt mij regelmatig een hapje aan en ik snoep een heerlijk stukje kipfilet mee. Heel af en toe pakt ze toch zelf de lepel op, maar het merendeel van de maaltijd help ik haar. Op een gegeven moment zegt ze dat ze niet meer hoeft en waar ik voorheen nog wel eens aandrong en er nog een paar happen bij wist te krijgen, stop ik nu ook echt. Ze pikt zelf nog een stukje kipfilet van het bord maar schuift dan resoluut haar bord weg. Ik eet de stukje kipfilet van haar bord en daar moet ze om lachen.  Ik pak haar bord op en breng het naar de keuken.

Als ik terugloop, krijgt mams net een schaaltje vla ingeschonken. Dat is iets wat ze nog steeds zelfstandig weet te eten. Lepel in het bakje en het gaat schijnbaar eenvoudig naar binnen. Het blijft zo raar om te zien dat ze dat wel zelfstandig doet terwijl het eten van een lepel met de warme maaltijd zo vaak zo lastig gaat. Ik help haar alleen met het laatste restje, het statiegeld zoals wij dat thuis altijd noemden. Ze heeft voor haar doen goed gegeten. Er staat nog een glaasje druivensap voor haar en het lukt me om haar dat op te laten drinken. Alles wat er in zit, is toch maar weer mooi meegenomen.

We blijven nog even aan de tafel zitten terwijl de buurtkamer langzaam leegloopt. Van de zeven bewoners van dit deel, eten er zes meestal mee aan tafel. Na de maaltijd gaan de meeste bewoners naar hun eigen appartement en ik vraag aan mam of ze met me meeloopt naar haar huisje, zodat we samen even de was kunnen opruimen. Dus rollator erbij en op pad. Helaas voor ons, mogen we mams kamer niet in, er wordt schoongemaakt. Dat moet ook gebeuren. Dus lopen mam en ik de gang door langs de andere buurtkamer, de gang door naar het einde, waar een paard zijn kop uit de stal steekt. Ervoor staan een geitje en een hondje. Ik geef het kunststof paard een aai over zijn snuit en mams zegt tegen het eveneens kunststoffen hondje dat die braaf is. We lopen weer rustig terug en kunnen nu wel haar appartement in.

Terwijl ik de was opruim, vraagt mam me een paar keer of ik wat wil eten en of ze koffie moet zetten. Ik bedank voor beiden, wetende dat zij anders in lichte paniek zou raken want hoe zet je koffie en waar zou het brood nou liggen. Ik zet op mijn telefoon een liedje aan en zing het zelf mee in de hoop dat mam het ook oppikt. Helaas, dat lukt niet maar ze weet nog wel dat haar broertje dat soort nummers ook veel heeft gezongen met het koor. Als de was weer in de kast ligt en ik haar fotoalbum op de salontafel heb gelegd, geef ik aan dat ik nu ook weer naar huis ga. ‘Jammer’, zegt ze, maar ze begrijpt het wel, ik moet ook weer naar mijn kinderen. Dat mijn kinderen niet meer thuis wonen, dat wil er niet meer in, maar ik maak nu dankbaar gebruik van haar herinnering. Ik geef haar een dikke knuffel en laat haar in haar appartement achter, wetende dat ze zo gaat dwalen en de weg naar de buurtkamer niet kan vinden, maar ook dat er dan een liefdevolle verzorgende is die haar naar de buurtkamer begeleidt en dat ze daar weer op haar gemak is.

Angelique Bangert

Mantelzorger voor onze moeder die na haar herseninfarct in 2010 problemen kreeg met haar geheugen. Pas in 2016 kreeg zij de diagnose vasculaire dementie/ziekte van Alzheimer. Sinds 2017 woont zij in een kleinschalig woonzorgcentrum bij mij op het dorp.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Teken de petitieOverheid, praat MET mantelzorgers en NIET OVER mantelzorgers
Tekenen
Back To Top
X