skip to Main Content
Onze Wereld Met Meneer Alzheimer: De Dag Dat…

Onze wereld met meneer Alzheimer: De dag dat…

we de vriend van mijn moeder kwijt waren.

Het is donderdagochtend als ik samen met mijn man naar het thuis van mijn moeder fiets. Eindelijk weer een keertje samen naar haar toe, een uitzondering. Meestal gaat mijn man op donderdag omdat mams vriend er dan ook is en ik werk normaal gesproken op donderdag. Maar deze donderdag is er op de school waar ik werk een hele dag voor de leerlingen en ben ik als coördinator mediatheek niet nodig.

Als we langs de buurtkamer fietsen, zien we mams daar zitten. Dat is raar, want als haar vriend er is zitten ze altijd in haar appartement. En dan schiet ineens dat telefoontje van dinsdagochtend door mijn hoofd. Op onze huistelefoon werden we gebeld door de mobiel van de vriend van moeder, maar ik was te laat bij de telefoon. Ik heb gelijk teruggebeld, maar kreeg de voicemail. Ik heb er verder geen aandacht aan besteed tot nu… er zal toch niets met hem aan de hand zijn geweest. De beste man is 86 jaar, hartpatiënt en alleen.

Manlief besluit naar huis te gaan om daar te gaan bellen naar de vriend van mams. Ik ga wel naar mams en wacht op bericht. Mam zit in de buurtkamer met de andere dames en ik word hartelijk welkom geheten. Als ik net zit, belt manlief. Ik loop met mijn mobiel naar de gang, want ik wil niet dat mam iets merkt van onze onrust. Manlief krijgt geen contact met de vriend, niet op de huistelefoon en ook niet op zijn mobiele nummer. Hij gaat proberen contact op te nemen met de contactpersoon, een verre neef. Ik loop nog in de gang als de verzorgende vraagt waar mams vriend is. Is hij soms ziek? Want hij komt zo trouw op donderdag en als hij niet kan komen, dan meld ik dat meestal in het dossier van mam. Ik vertel het verhaal en we zijn allemaal wat ongerust.

Ik krijg weer een belletje van manlief, de verre neef heeft ook geen idee, maar deze man klinkt ook wat warrig, dus heel duidelijk is het allemaal niet. Redelijk ongerust loop ik weer naar de buurtkamer en probeer nog een praatje te maken met de dames. Het is inmiddels bijna etenstijd en ik besluit naar huis te gaan omdat ik zo’n raar onderbuik gevoel heb. Onderweg bel ik met een nicht van mij, of zij soms iets weet over waar mams vriend kan zijn. Ook zij heeft geen idee, maar misschien is hij dan toch nog een keer naar Engeland gaan varen, dat wil hij graag nog een keertje doen. Ik twijfel omdat ik zeker weet dat hij ons dan echt wel op de hoogte had gebracht.

Als manlief en ik beiden weer thuis zijn, besluiten we de politie in te schakelen. Mams vriend woont in Rotterdam en dat is niet naast de deur. Wellicht kan er iemand gaan kijken of er iets te zien is bij zijn huis. In eerste instantie reageert de meldkamer wat afwachtend, kan er dan niet een van ons naar Rotterdam komen om samen met de politie naar het huis te gaan. Manlief moet echter nog zijn ritten voor leerlingenvervoer rijden en ik kan wel met de trein naar Rotterdam gaan, maar niemand heeft een sleutel van het huis. De meldkamer geeft aan dat ze contact op gaan nemen met de agenten die op straat zijn en we worden teruggebeld.

En inderdaad, nog geen kwartier later hebben we een aardige agente aan de telefoon die inmiddels met een collega op de galerij bij de vriend staat. Ze kunnen via het keukenraam naar binnen kijken, maar zien niets verontrustends, de keuken is netjes, niets lijkt verdacht. Er is geen reden om de deur te forceren, ze gaan verder onderzoek doen in de flat en beloven ons terug te bellen als ze meer weten. Even later worden we weer gebeld, hij is terecht! Een opluchting gaat er door ons heen. Hij had woensdag een afspraak in het ziekenhuis voor een kleine behandeling, maar moest in het ziekenhuis blijven omdat hij hartritmestoornissen kreeg. Wat een opluchting. Ik bel naar het ziekenhuis en krijg te horen dat meneer inderdaad in het ziekenhuis ligt en dat hij bezoek mag ontvangen. Meer informatie krijgen we niet, begrijpelijk.

Als we die avond de zaal waar hij ligt binnenkomen, lijkt hij totaal niet verrast dat wij er zijn. Pas als wij vertellen wat er die dag gebeurd is, zegt hij dat hij zijn mobieltje was vergeten en onze nummers niet wist. Hoe belangrijk is het dus dat je een briefje met telefoonnummers bij je hebt, want je weet nooit wat er kan gebeuren.

Inmiddels zijn we een week of drie verder, mams vriend is weer uit het ziekenhuis gekomen en ook weer bij mam op bezoek geweest. Hij heeft nu altijd zijn mobieltje mee en in zijn jas zit standaard een lijstje met telefoonnummers.

 

Avatar

Angelique Bangert

Mantelzorger voor onze moeder die na haar herseninfarct in 2010 problemen kreeg met haar geheugen. Pas in 2016 kreeg zij de diagnose vasculaire dementie/ziekte van Alzheimer. Sinds 2017 woont zij in een kleinschalig woonzorgcentrum bij mij op het dorp.

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top
X