skip to Main Content

Ontwrichtende pijn

Zijn pijn is alleen uit te houden met sterke pijnstilling.

Raar, hoor, eerst die langdurige verkoudheid en nu die onverklaarbare rugpijn.

Als het inderdaad rugpijn is, want het kan ook met zijn blaas te maken hebben.

Daar kwamen ze achter doordat hij een keer niet kon plassen. Toen hebben ze hem gekatheteriseerd, vertelt hij.

Die drie dagen in bed waren een ramp, want hij kon ook niet op het toilet zitten.

Al vanaf het begin dat hij daar kwam wonen, krijgt hij incontinentiemateriaal om.

Noodgedwongen; niet omdat hij incontinent is, maar omdat de bewoners drie keer per dag op een vast tijdstip op het toilet worden gezet, en ja, dat is te weinig, wat logisch is, en op een vaste tijd naar het toilet: tja, zo werkt het nu eenmaal niet.

We zijn er nu allebei aan gewend, maar vooral ik was in eerste instantie toch wel in shock dat hij niet vrij van het toilet gebruik mocht maken, alhoewel hij natuurlijk hulp nodig heeft en dat niet vrij voor handen is, helaas.

De grote boodschap gaat en lukt wel op het toilet, gelukkig, al was ook dat voor hem een hele aanpassing, want hij heeft daar rust en privacy en tijd voor nodig, wat in het begin zeker niet vanzelfsprekend was, maar over en weer zijn verpleging en hij nu wel op elkaar ingespeeld.

Die drie dagen in bed werd de grote boodschap een probleem.

Begrijp ik wel. Ik heb zelf eens twee weken in een ziekenhuisbed gelegen, mocht er toen niet uit, en hij kan er niet uit, dus moet het in bed “gebeuren”.

Op een steek kan hij niet, dus moet het op een “matje” (luier).

Liggend is natuurlijk al geen normale positie, het bed klopt niet qua locatie, en dan ook nog in een luier je behoefte moeten doen.

Pfff, ik kan het me helemaal voorstellen.

Toch had hij geen andere keus, en de verpleging zei bemoedigend tegen hem: “Gewoon doen, joh, kan jou het schelen.”

Zo vertelde hij het tegen mij.

Des te blijer na die drie dagen, dat hij weer van het toilet gebruik kon maken.

Zoiets eenvoudigs, waar een mens vaak amper bij stilstaat, zo belangrijk voor hem.

Ik ben vooral blij dat hij ook weer uit bed is, al heeft hij pijnstillende medicatie daarvoor.

Dinsdag is er geen natuuractiviteit, want het is Koningsdag.

Ik kwam er pas achter dat het Koningsdag was toen er op het vaste tijdstip geen fitness op tv was, maar alles om het koningshuis draaide.

Deze datum zit eigenlijk nog niet in mijn systeem, merk ik, en de afgelopen dagen had ik ook wel andere dingen aan mijn hoofd.

Geen oranjegebakje voor mij dus, maar dat zou ik voor mijzelf alleen toch al niet gehaald hebben.

Via intranet van de zorginstelling had ik gelezen dat er voor de bewoners in de zorginstelling wel oranjegebakjes zouden zijn, en dat is leuk.

’s Middags is het nog heerlijk weer en we gaan naar buiten.

We besluiten samen op het terrein te blijven.

In de duinen zal het vandaag extra druk zijn en ik heb ook wel het idee dat hij daar niet zoveel meer om geeft, om erop uit te trekken, en dat hij het helemaal prima vindt om op een mooi plekje te gaan zitten.

Die zijn er gelukkig genoeg, en eerst zitten we een tijdje naar de karpers in de vijver te kijken.

Het doet hem denken aan zijn eigen vijver vroeger thuis en hij had zijn vissen wel hiermee naar toe willen nemen, zegt hij.

We bewonderen de grote karpers, die er stuk voor stuk anders uitzien qua kleur en “patroon”.

Als hij er eentje ziet met wit en blauw, zegt hij gevat dat die van de KLM is, en een hele witte is een “straaljager”.

Dat is een goed teken, als hij weer grapjes maakt, want dat was er de afgelopen dagen niet bij.

Als ik een hele donkere zie, zeg ik dat dat een duikboot is.

Hij ligt vervolgens in een deuk, omdat hij ook weet dat ik meedoe met zijn “spelletje”.

In onze begintijd was ik best serieus, nog wel, maar dankzij hem ben ik toch losser geworden en kan ik ook lachen om zulke gekkigheid en ik doe hem geen groter plezier dan erin mee te gaan.

Ik zeg dat ik dat van hem geleerd heb en hij glundert erom.

Er is nog een mooi plekje: een vijver zonder vissen, maar met een “watervalletje”, en dat doet hem weer denken aan zijn kampeervakanties vroeger in de Belgische Ardennen.

Hij geniet met volle teugen, en ik ook, al is er ook wat melancholie, maar dat mag.

Woensdag bezoek ik mijn moeder in de zorginstelling; ze gaat achteruit, en wie weet hoe lang ze nog in ons midden zal zijn..of hoe kort..

Half liggend in een rolstoel, geen kracht meer om te staan of te lopen..

Zoals we op de wereld komen, zo gaan sommigen ook weer…liggend, afhankelijk..

Verdrietig..

 

 

 

 

 

Mayke de Vries

Mayke de Vries is na een carrière in de zorgsector nu vooral mantelzorger voor haar partner, die helaas na een grote hersenbloeding in oktober 2019 in een zorginstelling kwam te wonen. Zij schrijft op Mantelzorgelijk over de veranderingen in hun leven.

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top
X