skip to Main Content

Medicijn Mama

Op dit moment moet ik beter voor mezelf zorgen. Dat is best wel moeilijk voor me, met mama die aan Alzheimer lijdt en verder weg woont. Bellen lukt ook steeds minder, omdat mama steeds minder goed kan praten. Als ik mama dan wel aan de telefoon heb gehad ben ik erna in tranen. Ik mis haar al, maar nu nog meer. Op de een of andere manier wil ik schuilen bij mama en zeggen hoe spannend ik het allemaal vind en eigenlijk ook wel bang ben voor de operaties die eraan zitten te komen. Aan de andere kant wil ik het haar niet melden, want ik weet niet precies wat ze opvangt en misschien maak ik haar juist wel bang. Naar papa gaan lukt niet, die is overleden. Gek genoeg voelt hij daardoor dichterbij, en dat geeft troost, want ik weet dat hij wel bij me is en dan over me waakt. Ik mis mama dan nu nog meer.

Dit heb ik verteld aan mijn arts en gevraagd of ik extra medicatie kon nemen. Ze begreep me, waarschuwde me dat het zwaar zou zijn en ik echt daarna flink uit moest rusten. Ze kon me wel wat extra’s geven. Ik vroeg Liza of ze mee wilde gaan, ze weet ervan en vond het helemaal logisch. Kortom, ik ging!

Eenmaal bij mama aan gekomen stonden we voor de dicht hek. De code deed het niet. Even verderop was een klusjesman bezig en zachtjes begon ik te schelden. Woest keerde ik me naar de bel en drukte die meerdere keren in. Ik probeerde de code nog eens, misschien had ik het fout gedaan, maar nee. De tranen schoten me in de ogen. Liza zag het en lag haar arm op mijn schouder, ‘Rustig,  er komt zo wel iemand.’ Ik drukte nog eens een paar keer op de bel. De klusjesman kwam eraan lopen en vroeg of hij het hek even voor ons open moest maken. Op dat moment kwam er een stem uit de intercom en zei ik mijn naam en dat ik voor mama kwam. Inmiddels was het hek open en liepen we met de klusjesman mee. Hij vertelde de nieuwe code van het hek. Liza en ik stonden even later in de lift en ik vertelde dat er door me heen was gegaan dat mijn zus me er nu al helemaal niet meer wilde hebben en expres de nieuwe code niet had door gegeven. ‘Eens!’, was het enige wat Liza zei. Eenmaal bij mama vroeg ik de begeleider van dat moment ernaar en sprak ik mijn angst uit. Dat zou niet gebeuren en daar zou de instelling niet aan meewerken. Ik heb gezegd dat ik daar niet in geloofde, gezien ik de ervaring heb dat ze niet anders doen.

Ondertussen was Liza mama gaan wassen. Ik zocht de kleren uit voor die dag. Dat deed me dat zo goed. Met liefde en zorg legde ik de kleding klaar. Zo kon ze op haar mooist straks met ons mee. Liza zei dat ik best even de kleding uit kon zoeken, wat weg kon weg doen, zodat haar kast weer mooi opgeruimd was. Nee, dat deed ik niet. Ik heb geen zeggenschap, dus dat mogen mijn zus en schoonzus doen zo lang mama leeft.

Het was niet echt mama’s dag, ze was verdrietig. Ze leek moe alsof ze een slechte nacht had gehad, maar dat is gissen. Na de koffie en het ontbijt namen we mama mee naar de Hema. Het was heerlijk weer en Liza plaatste mama in haar stoel in de beschutte hoek op het terras. Ik heb mama wel verteld over mijn gezondheid, maar in begrijpelijke taal alleen niet wat er precies is. Ze had mijn hand al steeds vast gehouden, maar daarna begon ze er harder in te knijpen, alsof ze me niet wilde loslaten.

Het was niet alleen mar verdriet. Mama heeft een paar keer hartelijk zitten lachen. Dat had ik nodig. Naarmate we meer met mama spraken kwamen er ook bij mama woordjes terug. Er wordt gewoon te weinig met haar gesproken. Niet gek als je bedenkt dat er die ochtend maar 1 begeleider op een groep van 8 bewoners was geweest. Ik keek Liza aan en vroeg haar of ik toch zeker van een goede zorg uit mocht gaan als dochter van mijn moeder, daar zou men dan toch meer aan moeten doen? Helemaal voor de begeleider die geluk had gehad dat Liza die morgen mama had verzorgd? Liza knikte.

We brachten mama via een uitgebreide wandeling terug. Zodra we terug komen nemen we altijd een karamel of een dropje. Liza zou even gaan halen, maar kwam terug met dat er niets was, veel laden waren leeg. Ik ging kijken en inderdaad, de meeste laden waren leeg. De hele kamer was leger, zelfs het dikke ballerina beeld was weg. De laatste is voor andere moeilijk te tillen, dat is zwaar. Onderweg naar de huiskamer besloot ik om het toch maar aan de begeleider te zeggen. Diegene was dan nu wel alleen, maar dit was op zijn zachtst gezegd raar en het maakt mij ongerust. Fluisterend gooide ik mijn grootste frustratie van dat moment eruit en zei ik, ‘Ze is nog niet dood!’

Ik was weer naast mama gaan zitten. Mama huilde en hield me weer stevig vast. Ze wilde me duidelijk niet loslaten. Toch moest het even later wel, ik moest weer naar huis. Qua medicatie was het goed gegaan en had ik weinig last gehad. Dat kwam thuis pas. Ik ben niet meer uit bed geweest. De nacht was lang en pijnlijk, maar ik had het er voor over gehad. Mama’s lach en haar stevig vasthouden van mijn hand hebben me goed gedaan. Dat hebben we maar. Uiteindelijk blijkt wel, ouders zijn het beste medicijn voor kinderen!

Avatar

Dyezzie Engel

Mijn naam is Franka, maar ik blog onder de naam Dyezzie. Sinds 2014 blog ik over persoonlijke zaken op www.dyezzie.nl. Sinds 2013 weten we dat mijn moeder Alzheimer heeft. Pas sinds eind 2015 blog ik ook hierover met haar goedkeuring. Hierin schrijf ik wat er allemaal gebeurt met haar, maar ook hoe het voor mij is.

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top
X