skip to Main Content
Mariette Blogt Exclusief Vanuit Het Buitenland – Dingen Die Je Niet Tegen Een Mantelzorger Moet Zeggen

Mariette blogt exclusief vanuit het buitenland – Dingen die je niet tegen een mantelzorger moet zeggen

Als jij iemand kent die mantelzorger is voor iemand, wees dan extra voorzichtig met wat je zegt en hoe je het zegt.

Ik heb gemerkt dat anderen niet altijd begrijpen wat je rol precies is en wat je doormaakt als je mantelzorger bent voor iemand met de ziekte van Alzheimer of andere vormen van dementie. Dat onbegrip uit zich in advies waar niet echt over nagedacht is.

Oké, als je geen mantelzorger bent en geen ervaring heb met mensen met dementie, kan het moeilijk zijn om echt te begrijpen waar iemand in die positie mee te maken krijgt en hoe de ziekte verloopt. Maar doe jezelf en de mantelzorger een plezier en denk eerst na voordat je iets zegt. Een mantelzorger kan zich ontredderd voelen, overweldigd door de dagelijkse taken en kan anderen niet altijd het voordeel van de twijfel geven of zal je vragen om uit te leggen wat je net zei. Ook jij zal op een bepaald moment wel eens met andere dingen bezig zijn geweest, zodat je iets dat tegen je gezegd werd verkeerd opvatte, toch?

Dit zijn dingen die je vooral niet tegen een mantelzorger moet zeggen:

‘Je zult je wel alleen voelen.’
Soms hebben mantelzorgers het gevoel dat ze in een lekke reddingsboot stuurloos op zee dobberen. In werkelijkheid zijn ze gelukkig vrijwel nooit echt helemaal alleen. In Canada, waar ik woon, zijn er volgens de Alzheimer Society van Toronto al meer dan 500.000 mensen met deze ziekte en je hoeft dus niet ver te zoeken om iemand te vinden die in hetzelfde schuitje zit. Dus, in plaats van de mantelzorger te laten dobberen in zijn bootje, reik hem/haar een reddingsvest aan en geef de informatie van de landelijke of plaatselijke Alzheimer vereniging door.

‘Je vader/moeder heeft het mis.’
Je vader of moeder kan denken dat het vandaag dinsdag is in plaats van zaterdag, of dat jij een jeugdvriend van hen bent van lang geleden. Geloof me, dat soort foutjes verbeteren heeft geen zin want hoogstwaarschijnlijk hoor je dezelfde uitspraak een paar minuten later opnieuw. Daarover ruziën met iemand waar de persoon die misschien in het beginstadium van dementie zit bij is, kan veroorzaken dat die persoon zich beschaamd voelt omdat hij of zij zich waarschijnlijk realiseert dat zijn of haar geheugen begint weg te glijden. Onthoud ook dat het de ziekte is die de feiten door elkaar haalt, niet de persoon zelf.

‘Het zal er allemaal niet beter op worden.’
Wetend dat wetenschappers voortdurend bezig zijn iets te vinden tegen deze ziekte, blijf ik optimistisch dat er op een dag echt een geneesmiddel zal zijn voor de ziekte van Alzheimer. Ook al ziet het er niet naar uit dat de patiënt of de mantelzorger dit nog gaat meemaken, wordt een dergelijke pessimistische insteek niet op prijs gesteld.

‘Het wordt er allemaal vast gauw beter op.’
Omgekeerd is deze verheven belofte ook niet realistisch. Niemand weet nog wanneer er een geneesmiddel wordt gevonden, en in de tussentijd beseft de mantelzorger dat dit hoe dan ook te laat zal komen voor degene voor wie hij zorgt.

‘Het zal moeilijk zijn om dingen te vinden die je met je vader/moeder kunt doen.’
Alzheimer patiënten verliezen hun geheugen maar kunnen nog steeds aan allerlei activiteiten meedoen. Ik vond het altijd fijn om met mijn vader te wandelen. Behalve dat het iets was dat we samen konden doen, hield het hem soepel en in goeie conditie. In de winter wandelden we binnen in het verzorgingshuis, in zomer natuurlijk lekker buiten. Er is altijd wel iets te doen, al is het maar foto’s kijken of naar muziek luisteren.

‘Het is vast heel moeilijk om mantelzorger te zijn.’
Ja, mantelzorg kan overweldigend zijn. Probeer maar eens om de behoeftes van een oudere met de ziekte van Alzheimer en je eigen leven in evenwicht te houden. De mantelzorg kan al snel een tweede voltijdbaan worden. Om mijn vader achteruit te zien gaan en daar helemaal niets aan kunnen doen, bracht mij tot het uiterste. Het is ongelooflijk frustrerend en verdrietig. Mantelzorgers komen obstakels tegen op elk niveau, maar het is waarschijnlijk beter om die niet te benadrukken. Een mantelzorger hoeft niet aan die veeleisende tijden herinnerd te worden, hij zit er midden in!

‘Ik weet hoe je je voelt.’
Deze ronduit holle zin is een stokpaardje van mij geworden. Het is zo makkelijk om te zeggen. Je kunt oprecht geloven dat je aan de mantelzorger denkt, maar die opmerking geeft juist blijk van onnadenkendheid en een gebrek aan compassie. Emoties van mantelzorgers kunnen op één dag van het ene naar het andere uiterste vliegen, van enorme blijheid tot diep verdriet en spijt. Heb jij dat alles ervaren als mantelzorger? Zo niet, zeg dan niet dat je weet hoe ik me voel.

Als je met een mantelzorger praat krijg je vaak betere resultaten als je de positieve dingen benadrukt of concrete dingen aanbiedt. Dit zijn dingen die je vaak wel kunt zeggen:

“Ik weet zeker dat je vader/moeder waardeert wat je allemaal doet.”
“Je bent echt een goeie belangenbehartiger voor je vader/moeder/ouders.”
“Andere mantelzorgers kunnen heel wat van jou leren.”
“Ik snap dat dit een moeilijke tijd voor je is.”
“Kan ik iets voor je meenemen uit de supermarkt morgen, dan hoef je een keer zelf niet te gaan.”

Avatar

Mariette Otten McGovern

is vertaalster, musicus en werkt als taalcoach voor Rosetta Stone. Ze woont en werkt in Florida, in de Verenigde Staten.

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top
X