Het zorgteam scheldt meneer Meester uit voor ‘klootzak’

We zitten op de 4e verdieping van verpleeghuis Rotteknor in hartje Amsterdam.

Verzorgenden Jannie, Mees, Arie en Kees zijn ook van de partij. Met frisse tegenzin. Het overleg gaat over meneer Meesters, die de gemoederen in de groep flink bezighoudt. Hij scheldt medebewoners verrot, houdt stoelen bezet, verstopt handtasjes en ga zo maar door.

Helaas heeft meneer Meesters het met name gemunt op de ‘zwakkeren’ van de groep. Mensen die beduidend een stuk minder functioneren dan hij.

‘Hoe is het deze week gegaan?’, vraag ik

‘Ja, hetzelfde. Er is niet veel veranderd in dat opzicht. Hij vertoont nog steeds verbaal onrustig gedrag.’

Ik kijk naar Mees, de stagiaire die net nieuw is. En een snuffelstage loopt op de afdeling.
‘Ja, ik had het niet verwacht, dat mensen op deze leeftijd zulk gedrag vertonen.’

‘Je verwacht het meer bij kinderen?’, vraag ik.

‘Eigenlijk wel.’

‘We moeten ons wel realiseren dat hij er niks aan kan doen’, voegt Jannie toe. Een oude rot in het vak die al vele meneer Meesters heeft mogen verzorgen. Ze is klein van stuk maar met een enorme staat van dienst. Volgend jaar mag ze met pensioen. Iets waar ze erg naar uitkijkt. ‘Lekker met de camper touren’, zei ze laatst

‘Ja ze zitten hier niet voor hun zweetvoeten’, vul ik aan.

Ik kijk rond en zie de irritatie van de gezichten druipen. Zodra het woord Meesters valt, zie ik enkele gezichten in de plooi schieten. Geërgerd. Walging zelfs. Het is ook moeilijk om aan te zien hoe sommige bewoners, die het al zo zwaar hebben, op momenten worden geterroriseerd.

‘Wat voelen jullie hier eigenlijk bij?’, vraag ik wat onnozel.

‘Ja, wat moeten we voelen. Het hoort er toch bij. Mensen zitten hier toch niet voor niks.’

‘Maar dat vraag ik niet, wat voelen jullie hierbij?’

Ik kom het vaker tegen. Teams waarbij weinig over gevoelens gesproken wordt. Die van bovenaf worden bestuurd en vooral worden ingepeperd dat ze bepaald gedrag moeten verdragen. Meer dan eens wordt hen te verstaan gegeven dat het bij hun professie hoort en dat ze vooral professioneel moeten handelen. Anders wordt al snel geïmpliceerd dat ze ongeschikt zijn voor de zorg.

Arie kijkt mij wat meewarig aan. ‘Wat voel ik hierbij? Weet ik niet. Daar denk ik niet over na.
Hij kan er niks aan doen’.

‘Maar dat vraag ik niet. Wat voel je hierbij?’

‘Irritatie’, roept Jannie.

‘Dank je, nu komen we ergens.’

‘Boosheid’, roept Mees. ‘Ja heel eerlijk vind ik die vent… ik mag het niet zeggen… stikirritant.’

Ik loop naar de flipover en schrijf de woorden op
‘Stikirritant, boosheid’

Dan is het stil.

‘Ik denk toch dat dit beter kan. Deze hele flipover moet vol. We hebben nog wat te gaan.’

‘Onbeschoft’

‘Dat is netjes geformuleerd’, zeg ik.

‘Klootzak’, schrijf ik op.

De groep kijkt mij wat geschokt aan. ‘Steek je vinger op als je dit herkent?’, vraag ik.

Vertwijfeld steekt Mona haar vinger op. ‘Heel eerlijk voel ik dit wel.’

‘Hufter’, roept Kees.

Heel mooi, zeg ik. Dit lijkt er meer op.

En alsof het hek van de dam is, vliegen ineens de woorden in het rond

‘Eikel, gemeen, respectloos, een pestkop, ondankbare hond, een smeerlap, ik trek hem niet. Ik wil vaak niet zijn kamer binnen. Soms heb ik het gevoel dat ik hem totaal wil negeren of uitschelden om te laten voelen wat hij doet bij anderen.’

‘Meer?’, vraag ik

‘Nou, ik negeer hem soms expres. Dat merk ik wel’, zegt Arie. ‘Of ik laat hem net wat langer op het toilet zitten. Dan denk ik ”nu weet je hoe het voelt om zo vernederd te worden.”’

‘Is dit het?’

‘Ja’ roept de groep.

Ik loop terug naar tafel.
‘Ik wil jullie vragen even een minuut naar dit bord te kijken en gewoon op je in te laten werken.’

‘Dit is professionaliteit mensen. Dit is oprechtheid. Dit is trouw blijven aan jezelf.
Deze gevoelens zijn er. Deze gedachtes leven er. En deze mogen er ook zijn.’

‘Wel triest’, zegt Mona

‘Voor wie?’, vraag ik.

‘Voor meneer Meesters ook wel. Dat ‘ie zo uitgekotst wordt’

‘Voel je dit zo?’, vraag ik

‘Ja toch wel..’

‘Ook dit is realiteit. Triest’, zeg ik

‘Wat hebben jullie nu nodig om meneer Meesters te verdragen. Om hem de zorg te geven die hij nodig heeft?’

‘Ik denk meer inzicht in zijn voorgeschiedenis. Zodat we wat begrip kunnen opbrengen’, zegt Jannie. De groep knikt.

‘Want dat willen jullie? Begrip?’

‘Ja, we zijn er voor allemaal toch?’ Arie kijkt rond. De collega’s knikken instemmend.

‘We gaan een familiegesprek regelen. Maar voor nu wil ik jullie bedanken voor jullie eerlijkheid. Deze gevoelens zijn net zo veel waard als de gevoelens van empathie en begrip. Zonder stil te staan bij deze boosheid, kun je de ander nooit de hand reiken.’

Omgaan met dementie; het mooiste wat er is.

 

Het is mijn missie als ouderenpsycholoog om de 'binnenwereld' van de mens met dementie, de naaste en zorgprofessional te onthullen. Zodat we met meer begrip en kennis eindeloos véél voor hen kunnen betekenen. Achter het gedrag gaat een rijke belevingswereld schuil. Als we haar kennen, worden de mogelijkheden immens. Door middel van muziek, theater en psychologie neem ik u mee in deze bijzondere wereld. Voor meer info: www.dementieintheater.nl

Dit bericht heeft 2 reacties

  1. Hier kreeg ik kippenvel van, zulke gesprekken zijn heel hard nodig in de zorg, niet alleen voor mensen met dementie, maar in elke tak van zorg. Ben zelf mantelzorger van een 42 jarige zoon, ZEVMB, waaronder doof, blind, epilepsie, ernstig verstandelijk beperkt. Wij, ouders, regelen de zorg zelf(pgb) , zorgverleners komen elke dag voor hem zorgen, we hebben een kangeroo woning. Zorgen voor hem levert soms/vaak frustraties op, ik merk bij de zorgverleners dat het uitspreken van gevoelens niet mogelijk/moeilijk lukt. Als ik als ouder mijn gevoel laat spreken grijp ik vaak mis(lees géén reactie) of “daar kan ik niks mee”. Na het lezen van dit , ga ik proberen tijdens het volgende teamoverleg dit ter sprake te brengen(ja, ook teamoverleg regelen wij zelf) . Het zal, hoop ik, ons dichter bij elkaar brengen. Voorwaarde voor zulke gesprekken zijn veiligheid en vertrouwen. Ben heel blij dit gelezen te hebben, dank!!

  2. Mooi , ik vind pg ook de mooiste plek om te werken . Niet de makkelijkste.
    Maar als ik een makkelijke baan had willen hebben had ik wel wat anders bedacht.
    Ik hou van deze doelgroep.
    Ben er zeker 20 jaar uit de zorg geweest maar sinds september weer aan de bak en wat ben ik blij dat ik er weer ben.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top