skip to Main Content
Het Leven Kan Zomaar Anders Zijn.

Het leven kan zomaar anders zijn.

Ontredderd en verward stonden we midden in de nacht op een donker en winderig plein voor een ziekenhuis in Rotterdam. Haar tas met kleding had ik nog in mijn hand en de ambulance reed de sluis van de spoedeisende hulp in. Het enig licht kwam uit één van de kantoorketen die naast elkaar op het terrein stonden. Ik liep naar de keet en vroeg aan de dame wat er nu verder ging gebeuren. Ik mocht mijn telefoonnummer achterlaten en hoorde dat ik moest wachten totdat ik gebeld zou worden. Hoe dan? Dit kan niet, ik heb hier nog spullen, ik moet het verhaal overdragen aan iemand.

Na enig aandringen werd er onderling gebeld. Eén van de dames uit de keet hees zich in volledige bescherming om naar buiten te komen. Op datzelfde moment stak een man het plein over en kwam onze richting op. Hij bleef op afstand en ik kon tussen het masker en zijn muts alleen zijn ogen zien. En daar in het donker en de kou vroeg hij ons wat er gebeurd was.

Het begon een week of drie geleden. Mijn moeder werd verkouden en voelde zich niet lekker. Aan het eind van de eerste week kreeg ze koorts en werd kortademig. De huisarts werd gebeld en overleg met de GGD volgde. Het duurde 8 uur voordat er uitsluitsel kwam. Er werd geen test gedaan omdat mijn moeder niet in een risicogebied was geweest. De arts kwam langs en constateerde een flinke longontsteking. Een antibioticakuur werd gestart. Maar in de dagen daarna ging het langzaam bergafwaarts. We bleven bij haar. 24 uur per dag. We sliepen samen in de woonkamer beneden en verzorgde haar overdag zo goed mogelijk. Met hulp van de wijkverpleging deden we alles wat in onze macht lag. Wat waren we blij dat de koorts wegging. En wat waren we bezorgd toen ze steeds zwakker werd en minder ging eten en drinken. En toen ging het opnieuw mis. Op zaterdagavond, precies twee weken later, werd ze kortademig en kreeg ze opnieuw koorts.

We stonden voor een duivels dilemma. Moesten we haar thuis houden zonder extra medische zorg? Of moest ze deze hulp wel krijgen, maar dan zonder haar geliefde familie? Misselijk en wanhopig maakten we met elkaar de afweging. Ze moest medische hulp krijgen, dit konden wij niet meer alleen. De dokter werd opnieuw gebeld.

Opeens kwamen we terecht in een slechte film met een bizar scenario. De spoeddokter kwam volledig in beschermingskleding binnen. De broeders van de ambulance even later ook. Mijn moeder moest direct naar het ziekenhuis en was ‘verdacht’. En zo kwamen we dus terecht op dat donkere plein met die ene dokter en deden we gehaast de overdracht in een koude nacht op 1,5 meter afstand. De dokter liep terug de sluis in. De deuren gingen dicht. De lichten gingen uit. We moesten het plein verlaten. Geen gedag meer zeggen. Geen laatste groet. Niet even vasthouden of geruststellen. Geen blik, geen kus, geen knuffel. De lijn werd doorgesneden. Ik voelde me geamputeerd, zonder voorbereiding, zonder verdoving. Ze werd in strikte isolatie geplaatst. Er was geen enkel contact meer mogelijk. We moesten wachten op bericht.

De dagen die volgden waren vreselijk. We leefden tussen hoop en vrees en konden niets doen. Helemaal niets. Twee keer per dag mocht ik bellen om te vragen hoe het met haar ging. En aan de telefoon hoorde ik op de achtergrond de hectiek van de afdeling. De spanning in de stem van de verpleegkundigen. En ik proefde mijn eigen angst voor het virus. Het is vreselijk om niet te weten hoe het met haar gaat. Niet weten wat er precies aan de hand is. En niet weten of er nog een toekomst is. Deze machteloosheid en onwetendheid vlogen me regelmatig naar mijn keel. Mijn moeder was heel ziek en lag in het ziekenhuis. En ik kon niks. Ik zag niks. Ik hoorde niks.

Toen werd onze grootste angst bewaarheid. Het coronavirus werd bevestigd. Covid-19 was in onze familie en zou niet zomaar weggaan. Het was een dubbeltje op zijn kant. Met tomeloze inzet hebben de verpleging en artsen in het ziekenhuis gedaan wat ze konden. Maar we moesten wachten of de behandeling aan zou slaan. Dagen later ging mijn telefoon. Ik hoorde eerst niets…en toen heel zachtjes: hoi. Het was mijn moeder. Ziek, verzwakt en benauwd. Maar ze is er nog!

We hebben nog een lange weg te gaan en mogen elkaar voorlopig nog niet zien. Zij ligt in isolatie en wij zitten in thuisquarantaine. Maar er is weer hoop op een toekomst samen. Gelukkig worden de lieve mensen die ons hebben bijgestaan in de afgelopen weken goed gemonitord op klachten.
Dus lieve mensen, blijf binnen, houdt afstand en zorg goed voor elkaar.
Het leven kan zomaar ineens anders zijn.

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top
X