skip to Main Content

Gesprek van de dag

Op een middag kom ik binnen. Hij zit met zijn jas aan en zijn voeten (inclusief schoenen) liggen op de salontafel. Wat nou? vraag ik hem. Hij antwoordt. Het is hier hartstikke koud. En ik word gek, ik kan niet eens meer de kachel aan zetten. Of hij is kapot. En die vloer is steenkoud. Als ik dit geweten had, was ik hier nooit gaan wonen.
Ik doe intussen de kachel aan.

Met de regelmaat van een paar minuten komt er een aantal vragen.
Waar is mijn moeder? Jouw moeder of mijn moeder vraag ik hem. Allebei zegt hij. Jouw moeder is overleden en ligt bij je vader op het kerkhof. Oh jaja, das waar ook. En moe dan? Moe is in het revalidatiecentrum. Oh, waarom dan? Moe heeft een nieuwe knie gekregen en moet opnieuw leren lopen. Oja, das waar ook. Waarom kan ik dat niet onthouden? Hoelang gaat dit duren? Hoelang zijn we nu al getrouwd? Ik vertel hem dat ze afgelopen augustus 60 jaar getrouwd waren. Hij herhaalt: 60 jaar? Hij zegt: nou kijk eens aan. Al die jaren lig ik lekker met je moeder in bed te kroelen en nu lig ik alleen. Tis toch erg.

Waar is je zus gebleven, jullie zijn allemaal het huis uit geslopen. Mijn zus is getrouwd en is bij haar man en kinderen. Oh is die getrouwd? Dit wist ik niet. En moe dan? Moe woont tijdelijk in het revalidatiecentrum …………

Met een kop koffie en een stuk fruit probeer ik hem af te leiden. Dan komen de verhalen uit zijn kindertijd. Aan een stuk door. Intussen vouw ik de was, ruim ik de vaatwasser leeg en doe een nieuwe vuilniszak in de prullenbak. Ik controleer de koelkast op voldoende drinken en vleeswaren, kijk in de kelder wat er nog aanwezig is.

Dan vraag ik hem: lust je nog een beker warme chocolademelk pa? Oh jaja, das lekker. Neem jij dan ook? Ja, dan neem ik ook. Samen genieten we van dit moment.

Hoe hoog staat die kachel eigenlijk? Ik ga zo ff buiten staan, ik heb het zo heet.

Nou pa, ik ga weer, dag hoor, tot de volgende keer. Waarop hij steevast vraagt: wanneer kom je weer? Ik vind het zo fijn als jij er bent. Ik zie nooit iemand.
Pa, niet de knippen op de deur doen hoor. Dan kan de “zorg” er niet meer in. Nee, dat zal ik niet doen. De andere dag lees ik in de rapportage: geen zorg kunnen verlenen, dhr had de knippen op de deur gedaan.

Netty Vlasblom

Hoi, ik ben Netty en ik ben wie ik ben. Maar vooral ook ben ik moeder, oma, partner, dochter, zus, vriendin, buurvrouw, werkneemster. Ik woon met Jos en samen hebben wij 6 kinderen en 13 kleinkinderen. Verantwoordelijkheidsgevoel is mijn "middle name" en ik voel me dan ook het meest verantwoordelijk voor mijn bejaarde ouders van 80 en 85 jaar. Samen zijn zij "heel wat", afzonderlijk zijn ze minder dan "half wat". Naarmate ik ouder word, houd ik van een rustiger leven. Maar naarmate ik ouder word, wordt mijn leven steeds onrustiger. Ik ben als oudste en meest dichtbij wonende dochter aangemerkt als mantelzorger voor mijn ouders.

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top
X