Energieverslinders

Zaterdagochtend belt mijn echtgenoot, omdat hij zijn tasje waarmee hij de dag ervoor naar huis was gekomen, kwijt is.

Ik zeg tegen hem dat dat raar is, want in dat tasje zat ook zijn telefoon waarmee hij mij “nu” belt.

Dus als de telefoon er is, moet zijn tasje ook ergens zijn.

Hij zit erover in, vooral wat hem betreft omdat zijn sigaretten daar ook inzitten, merk ik.

Ik stel voor de zorg even voor hem op te bellen, wat hij niet afslaat.

De zorgmedewerker stelt voor dat ik de taxi opbel, want het tasje zou daarin zijn kunnen blijven liggen, denkt zij.

Ik zeg dat zijn telefoon in datzelfde tasje zat, en dat hij wél zijn telefoon heeft, en dat het tasje logischerwijs ook ergens moet zijn daar.

Vervolgens belt mijn eega om te zeggen dat het tasje boven water is: die zat nog aan de andere rolstoel..

Trots meldt hij dat hij zelf op dat idee was gekomen.

De zorgmedewerker bericht ook terug dat het tasje inderdaad weer boven water is.

Dat waren weer aardig wat telefoontjes over en weer, uiteindelijk over “niks”.

En dat het druk “verkeer” was over “niks”, zowel via het vaste toestel als via mijn mobiel, breekt mij even op, en ik merk aan mijzelf dat ik het ook “gewoon” niet allemaal meer trek; dat al die mantelzorgjaren mijn energielevel “stilletjes” aardig hebben uitgeput.

Ik overleg met de zorg of mijn vaste toestelnummer uit die van mijn echtgenoot mag (de zorg had het er zonder overleg ingezet, waarschijnlijk op aanvraag van mijn eega), omdat het drukke telefoonverkeer op twee toestellen tegelijk mij opbrak, en dat het vaste nummer niet nodig is, omdat ik mobiel altijd bereikbaar ben, vroeg of laat, en dat als mijn eega mij op het vaste nummer belt, en ik neem niet gelijk op, dat hij dan wantrouwend wordt, en daar zit ik ook niet op te wachten.

De teamleider, met wie ik hierover overleg, heeft alle begrip en regelt het direct.

Ze vraagt of zij het er met mijn eega over moet hebben, maar ik stel voor dat niet direct te doen, omdat ook dat onrust bij hem teweeg kan brengen, en het is goed mogelijk dat hij er niet eens erg in heeft, dat mijn vaste nummer eruit is, en dat als hij er tegenover mij over zou beginnen, ik hem uit zal leggen dat ik het onrustig vind om op twee nummers bereikbaar te moeten zijn.

Inmiddels is er ruim een week voorbij: hij belt mij op mijn mobiel, en ik hoor hem verder nergens over, dus is het “goed” zo.

Ondertussen krijg ik bericht via mijn zwager dat mijn zus eindelijk naar een zorginstelling gaat, waar ze ook kan revalideren.

Ik regel meteen een “ballon met liefs” via de post voor haar, maar daarna is het opeens net alsof ik zelf een ballon ben; alleen dan eentje die lek geprikt is en vervolgens leegloopt..

Doodmoe van alle ballen die ik in mijn eentje hoog moet houden, en van mijn verantwoordelijkheidsgevoel richting het welzijn van “anderen”.

Alle contact met anderen via internet, is ook zo’n stiekeme energieverslinder, merk ik.

Ergens mis ik het om gewoon weer eens ouderwets met een boek op de bank te zitten, of met een puzzelboekje voor mijn part, en misschien “moet” ik dat ook “gewoon” weer eens meer gaan doen.

‘s Avonds (06-06) bericht dat mijn zus hard achteruit gaat, en dat het de vraag is of ze “morgen” nog haalt..

De volgende dag, op de verjaardag van haar oudste zoon, overlijdt ze…..

 

 

 

 

 

Mayke de Vries is na een carrière in de zorgsector nu vooral mantelzorger voor haar partner, die helaas na een grote hersenbloeding in oktober 2019 in een zorginstelling kwam te wonen. Zij schrijft op Mantelzorgelijk over de veranderingen in hun leven.

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Back To Top