skip to Main Content

Eens een vechter, altijd een vechter..

Vrijdag opnieuw verdenking van het virus…loos alarm gelukkig, dus zaterdag kan hij gewoon een paar uurtjes naar huis.

In de ochtend nog even wandelen. Onderweg word ik gebeld door de horlogemaker, dat ik zijn horloge op kan halen, waar een nieuw glasplaatje op is gezet nadat een verpleegkundige het had laten vallen.

Mijn wandeling wordt dus iets langer dan gepland hierdoor, want ik ga het maar gelijk ophalen.

De winkel is ook maar twee dagen per week een paar uurtjes open voor reparatieverzoeken en afhandelingen daarvan.

Qua tijd gaat het allemaal net. Dan word ik gebeld door de taxi dat hij daar voor de deur staat.

Ik vraag de taxichauffeur om daar aan te bellen, maar hij vraagt mij de afdeling te bellen.

Oké, afdeling dan maar bellen. Krijg geen gehoor. Dat schiet niet op zo.

Ik bel eega, die gelukkig de telefoon opneemt. Hij had de taxi niet gezien en gaat nu de verpleging waarschuwen.

Pfff, het komt dan toch nog goed.

Geen belemmering door het virus, ook nog net niet door het weer, want zondag valt alles uit vanwege de barre weersomstandigheden.

Daar het virus toch nog rondwaart binnen de zorginstelling, is besloten de natuuractiviteit en de herensoos op te schorten, omdat er teveel mensen van verschillende afdelingen samenkomen: dat is een tegenvaller.

Als hij mij ’s avonds belt, zegt hij steevast “goedemorgen”…zijn tijd staat stil…

Ik corrigeer hem niet, maar zeg geen “goedemorgen” terug; dat valt hem niet meer op..

Dinsdag moet ik voor het eerst op de fiets de besneeuwde wegen trotseren, maar ik heb daar niet zoveel problemen mee, aangezien ik ben opgegroeid op het platteland, altijd afstanden heb moeten fietsen onder alle weersomstandigheden, en als het even link wordt, dan stap ik wel af.

Lieve buren hebben aangeboden mij naar Zandvoort te brengen met hun auto die winterbanden heeft, en mij ook weer op te halen.

Fijn om te weten dat ik daar in geval van nood gebruik van kan maken, maar ik ga het nu toch nog maar zelf proberen.

Af en toe wordt het even “klunen”, maar ik kom heelhuids aan en ook weer terug.

Woensdagochtend belt hij mij voor de fysiotherapie, en daarna opnieuw, zonder dat hij zich realiseert dat hij mij net al gebeld heeft.

Hij zegt “sorry”, wat natuurlijk niet nodig is.

Hij zegt vaak onnodig “sorry”, maar als “sorry” wel gewenst is, krijgt hij het niet uit zijn strot.

Ik loop buiten en zeg tegen hem dat we vanmiddag wel verder praten.

Ik ben er eerder dan hij; de boekenclub kan blijkbaar wel doorgaan.

Hij had dinsdag al gemeld dat hij “vandaag” een sigaret wilde roken, dus als hij arriveert, met zijn jas aan, zeg ik tegen de verpleegkundige dat zijn jas wel even aan kan blijven, vanwege het roken.

Ze vraagt aan hem wanneer hij wil roken: nu of vanavond, en hij zegt: “Nu”; waarop zij grappend zegt dat roken niet voor niks een verslaving is en dat het dan inderdaad niet kan wachten.

Als blikken konden doden?

Het is gelijk foute boel en hij zegt boos dat hij straks niet gaat eten, dat ze dat wel op haar buik kan schuiven..en als hij toch moet eten, dat hij dan alles eruit zal kotsen..

Goedemiddag…

Ik ben op zich zijn heftige reacties wel gewend, maar meestal zit er dan ook iets achter, en dat blijkt nu ook het geval te zijn.

Nadat hij wat is bijgekomen, vraag ik wat er is.

Het antwoord laat lang op zich wachten en komt er moeizaam uit.

De fysiotherapeut wil hem niet bij de brug laten staan omdat ze hem daar te zwak voor vindt, terwijl hij zelf van mening is dat wel te kunnen, en ze is het niet eens met de looptraining die vader en zoon samen uitvoeren.

Ja, dat hakt er natuurlijk wel in.

Hij zegt met zijn zoon gewoon door te gaan en hij houdt tegenover de fysiotherapeut verder zijn mond.

Ik begrijp wel dat hij met zijn zoon door wil gaan. Het houdt hem letterlijk en figuurlijk op de been.

Ik kan hier ook wel achter staan, zeker omdat ik weet en heb gezien ook hoe goed vader en zoon op elkaar zijn ingespeeld.

Ze hebben vroeger allebei aan judo gedaan, zijn vertrouwd met het “lichaam”, met bewegingen van de ander, voelen elkaar goed aan.

Laat ze alsjeblieft die lol samen hebben.

 

 

 

 

 

 

 

 

Mayke de Vries

Mayke de Vries

Mayke de Vries is na een carrière in de zorgsector nu vooral mantelzorger voor haar partner, die helaas na een grote hersenbloeding in oktober 2019 in een zorginstelling kwam te wonen. Zij schrijft op Mantelzorgelijk over de veranderingen in hun leven.

Dit bericht heeft 2 reacties

  1. Mijn man wordt binnenkort opgenomen in het verpleeghuis. Zijn er groepen of instanties waar ik hulp kan krijgen , nu ik weer alleen kom te staan. En ik mijn leven weer op moet pakken, nadat ik jarenlang fulltime mantelzorger ben geweest.

    1. Er is een groep voor partners van mensen met NAH..
      Verder heeft een verpleeghuis vast een maatschappelijk werker, tot wie u zich misschien kunt wenden, en anders stichting MEE of het Sociaal Wijkteam in uw woonplaats.
      Of doorverwijzing via de huisarts naar een psycholoog.
      Sterkte met uw situatie.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top
X