Door ziekte “zoetsappig”

Elke dag van de quarantaine meldt hij telefonisch dat hij zich eenzaam voelt.

Het lijkt erop dat hij er nu veel meer “weet” van heeft als gedurende die vier maanden, twee jaar terug.

Ik dacht dat het voor hem niet heel erg zou zijn omdat hij toch verzorgers en andere bewoners ziet, maar dat is toch niet “eigen” vervangend, zo blijkt.

Voor mij geldt eigenlijk hetzelfde, maar wel met dat verschil dat ik de deur uit kan.

Hij baalt er ook van dat hij helemaal geen verbetering opmerkt bij zichzelf, en dat is die vicieuze cirkel.

Dinsdagavond heeft hij ook geen zin om tv te kijken.

Op zich herken ik dat, want bij mij staat de tv ook meer aan als “behang”.

Woensdagavond belt de zorg dat de testen tot dan toe negatief zijn, en dat het met hem goed gaat, en dat hij ook zijn gevoel voor humor nog heeft.

De zorg had mij beloofd in deze dagen wat extra bij hem aan te wippen voor een praatje, wetende dat hij zich gauw eenzaam voelt.

Ze kwamen zo vaak, dat hij grappend had gezegd dat ze dat “stokje” wel konden laten zitten, hoorde ik van de zorg.

Op zich is dat een goed teken, al kan hij zich ook bedienen van humor juist als hij zich heel verdrietig voelt.

Hij is een binnenvetter.

Ze hebben ook een keer shoarma gegeten, door de keukendienst zelf gemaakt, maar wel lekker, zegt hij.

Donderdag als ik de wekelijkse boodschappen haal, zie ik tegenover de supermarkt bij de bloemenwinkel mini kerstboompjes staan, compleet versierd, inclusief verlichting.

Vorig jaar had ik er daar eentje van meegenomen, en nu doe ik dat weer; wel zo makkelijk.

Ook maar een tweede voor bij mij in huis, al verhoogt dat niet direct mijn kerstsfeer, vanwege het incompleet zijn.

Ik breng het boompje langs bij de afdeling; ik had contact gehad met de zorg hierover, en ik mocht het in de sluis zetten.

‘s Avonds hoor ik van hem dat hij heel blij is met dit boompje in zijn donkere dagen.

Als ik weer mag komen, neem ik nog wat extra kerstballen mee voor het boompje, plus een mandje, en een kleedje; dat kan ik wel meenemen op de fiets.

Zaterdagochtend meldt hij dat ik langs mag komen.

Als ik zeg dat ik dat eerst nog officieel moet horen van de afdeling, reageert hij gepikeerd, maar zo werkt het nu eenmaal.

Even later belt de afdeling; dat hadden ze beter even om kunnen draaien, denk ik dan.

Ik ga er natuurlijk ‘s middags heen, bepakt en bezakt op de fiets, en hij is superblij om mij weer te zien.

Hij wist het gisteravond al, zei hij, maar toen hield hij dat voor zich, want dat was hem ook op het hart gedrukt door de zorg.

Geheimen bewaren dat kan hij heel goed: waar hij niet over mag praten, dat doet hij ook echt niet, al ga je op je kop staan.

Ik doe het kerstkleedje op de tafel, mand erop met de kerstboom erin, nog wat kerstballen erbij, en het boompje is compleet.

In een winkel was ik ook nog een snoertje met gekleurde lampjes tegengekomen, waar hij helemaal gek op is, maar wat ik de jaren ervoor nergens zag, dus dat had ik ook gekocht, en leg ik nu op tafel om de pot heen.

Tevreden constateer ik dat ik eigenlijk best creatief ben in hoe iets leuk aan te kleden, en dat bevestigt hij enthousiast.

Ik heb me nooit als een creatieveling gezien, ook anderen in mijn omgeving hoorde ik daar niet over, maar ik denk wel dat enige creativiteit ook blijkt via de foto’s die ik maak.

Met zijn toestemming plaats ik een foto van hem met zijn kerstboompje op Facebook.

Hij heeft het over twee van zijn oud collega’s, naar aanleiding van een reactie van één van hun, en vertelt dat zij wel eens zoetsappige opmerkingen konden maken, waar hij dan hard op reageerde, maar dat hij nu zelf zoetsappig kan zijn, door het volledige besef van zijn eigen kwetsbaarheid.

Verlies maakt nederig…

Hij is ook weer gestopt met roken, draagt bewust het stoptober armbandje.

Ik wist het niet, dat hij echt gestopt was, al rookte hij niet veel, want ook in mijn aanwezigheid had hij ondanks het armbandje nog wel gerookt.

Hij is er helemaal klaar mee, zegt hij: eerst zijn vrouw verloren door longkanker, nu zijn moeder ongeneeslijk ziek.

Bij vlagen vond ik hem heel moeizaam iets onder woorden brengen, maar hier is hij heel duidelijk in.

 

 

 

 

 

Mayke de Vries is na een carrière in de zorgsector nu vooral mantelzorger voor haar partner, die helaas na een grote hersenbloeding in oktober 2019 in een zorginstelling kwam te wonen. Zij schrijft op Mantelzorgelijk over de veranderingen in hun leven.

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top