skip to Main Content
Doen Alsof Voor Alzheimer Patiënten

Doen alsof voor Alzheimer patiënten

Door Anna Gorman

BEVERLY HILLS — Naast een keurig opgemaakt babybedje zit Vivian Guzofsky, 88 jaar oud, met een babypop in haar armen. De pop draagt een roze pyjama met bloemetjes.

“Hallo mooierd,” zegt ze, lachend. “je bent zo’n schatje.”

Guzofsky, die de ziekte van Alzheimer heeft, woont op afdeling verpleeghuiszorg van een verzorgingshuis voor ouderen. Vrijwel iedere dag bezoekt ze de poppen in de “zogenaamde” kinderkamer van het huis. Soms trekt ze hen andere kleren aan of legt ze in bed voor een dutje en zingt liedjes voor hen.

Niemand weet of ze het idee heeft dat ze een pop in haar armen houdt of een echte baby. Wat het verplegend personeel wel weet, is dat Guzofsky, die geagiteerd en agressief verdrag kan vertonen, altijd rustig is als ze voor de poppen zorgt.

Verpleeghuizen en andere faciliteiten voor ouderen gebruiken een controversiële techniek genaamd poptherapie om de onrust die de bewoners met dementie vaak vertonen weg te nemen. Ervaren zorgverleners en experts zeggen dat de poppen een alternatief kunnen zijn voor medicijnen, en dat oudere mensen die niet veel meer aan activiteiten deelnemen, hier wel voor uit hun stoel komen.

“Veel mensen met Alzheimer vervelen zich en worden depressief of gestrest of ongelukkig omdat ze niks te doen hebben,” zegt Ruth Drew, afdelingsdirecteur bij de Alzheimer’s Association.

De verzorgers proberen niet om de bewoners wijs te maken dat de poppen echte baby’s zijn en het is absoluut niet de bedoeling om de ouderen als infantiel te behandelen. Ze proberen om hen op hun eigen niveau te benaderen en te communiceren op een manier die ze begrijpen.

Er zijn verschillende faciliteiten die de poppen gebruiken, maar er zijn er ook die deze therapie mijden, omdat ze vinden dat het vernederend is voor ouderen om met poppen te spelen. “Ze zijn volwassenen en zo willen we hen ook behandelen,” zegt Stephanie Zeverino die in een dergelijke faciliteit werkt. “Dit zijn hoogopgeleide bewoners.” De faciliteit verkiest andere soorten therapie, zoals kunst en muziek, zegt ze. En het personeel speelt hersenspelletjes met de bewoners, die het kritisch denkvermogen stimuleren. “We willen de waardigheid behouden,” zegt Zeverino.

Onderzoek naar poptherapie is beperkt, maar er zijn studies die hebben aangetoond dat het de behoefte aan medicatie kan verminderen, stress kan wegnemen en communicatie kan verbeteren, volgens Gary Mitchell, de auteur van een boek over poptherapie.

Toch erkent hij ook dat poptherapie mogelijk het stigma dat op dementie rust bevestigt, omdat het volwassenen kinderlijk kan maken. “Dat stigma is juist waar we vanaf willen.”

Sommige families zijn bezorgd dat hun familieleden uitgelachen zullen worden als ze zich met de poptherapie inlaten. Dat is begrijpelijk, maar als een bewoner zelf vraagt of ze voor de pop mag blijven zorgen, dan is het duidelijk dat sommigen baat hebben bij de therapie.

Mitchell zei dat het voor bepaalde mensen bijzonder bevorderlijk is, in het bijzonder degenen die snel gestrest zijn of obsessief gaan ijsberen. “Als ze de pop in hun armen houden, geeft dat hen een gevoel van aanhankelijkheid en genegenheid in tijden van onzekerheid.” “Veel mensen associëren de pop met hun jongere jaren, toen ze iemand hadden waar ze voor zorgden.”

In het verzorgingshuis waar Guzofsky woont, heeft men de kinderkamer ingericht om de bewoners iets te doen te geven. Veelal bewoners met een sterk instinct om voor baby’s te zorgen worden door de kinderkamer aangetrokken. Sommige mensen kunnen bijna niet meer praten, maar vinden een gevoel van veiligheid bij de poppen. Je ziet het aan hun lichaamstaal als ze de pop oppakken. De verplegers gebruiken de poppen ook om een conversatie te beginnen met de bewoners: “Hoeveel kinderen heb je? Was jouw eerste kind een jongen of een meisje? Wat vind je het leukste van het moeder zijn?”

Voor sommige bewoners, zoals de 87-jarige Marilou, is het vasthouden van de poppen een van de weinige momenten dat ze met het personeel communiceert. Ze is afhankelijk van een rolstoel en spreekt vrijwel nooit. Het grootste deel van de dag brengt ze slapend door. Wanneer ze echter tijd met de “baby’s” doorbrengt, wordt ze letterlijk wakker en zie je haar gewoon blij worden.

Haar dochter zegt dat het haar niet uitmaakt of het echt is of “doen alsof”. “Als zij zich er beter door voelt, ben ik er helemaal voor.”

Bron: Kaiser Health News

www.khn.org

Mariette Otten McGovern

is vertaalster, musicus en werkt als taalcoach voor Rosetta Stone. Ze woont en werkt in Florida, in de Verenigde Staten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Teken de petitieOverheid, praat MET mantelzorgers en NIET OVER mantelzorgers
Tekenen
Back To Top
X