De zakelijke kant van de zorg voor een ouder – zo kan het ook

Ik wilde het geld niet aannemen. Nu ben ik blij dat ik het toch heb gedaan.

Toen mijn vader ziek werd, zat ik in een overgangsperiode. Mijn man en ik waren net gescheiden. Ik woonde in een huurhuis, vol onuitgepakte dozen. Ik moest op zoek naar een nieuwe baan zodat ik genoeg verdiende om redelijk comfortabel te leven.

Voor mij was het geen probleem om de eerste week bij hem te blijven toen hij uit het ziekenhuis kwam. Aan het eind van de week was het echter duidelijk dat ik moest blijven. Mijn andere broers en zussen hadden hun eigen gezin, hadden een carrière en woonden in een andere stad. Ik was niet meer gebonden. Voor mij was het niet echt moeilijk om de paar banden die ik nog met mijn oude stad had te verbreken, en terug naar huis te gaan.

Mijn zwager was degene die suggereerde dat ik betaald moest worden. Ik ging ervan uit dat ik gratis bij mijn vader zou wonen, een parttime baan zou zoeken om rond te komen en de rest later wel zou regelen. Hij hield voet bij stuk, liet ons weten dat we een langetermijnplan nodig hadden en dat ik betaald moest worden. Ik had er nooit over nagedacht wat ik zou doen voor pensioen als ik bij mijn vader zou blijven en niet zou werken, maar ik dacht dat het allemaal wel zou lukken. Hij niet. Hij wist zeker dat het niet zou lukken.

Hij had deze film al eens gezien. Zijn zus had bijna tien jaar lang de zorg voor hun moeder op zich genomen, en niemand sprak ooit over haar financiën. Ze was bij hun moeder ingetrokken en uiteindelijk met vervroegd pensioen gegaan toen de zorg al haar tijd in beslag nam. Maar toen hun moeder stierf, had die zus het grootste deel van haar pensioenspaargeld al opgebruikt.

De andere broers en zussen waren het niet eens met de manier waarop zj met het geld van hun moeder was omgegaan, toen de nalatenschap werd afgewikkeld. Ze waren boos op de zus die al die jaren voor hun moeder had gezorgd. Boos omdat ze haar nu nog moesten onderhouden terwijl zij, op haar oude dag, een baan probeerde te vinden. Mijn zwager wilde dit geen tweede keer zien gebeuren.

Eerst voelde het vreemd, het leek alsof mijn familie in een bedrijf veranderde. Ik dacht dat mijn familie nooit zo uit elkaar zou vallen als zijn familie, maar mijn zwager stond erop dat we alles nu moesten doornemen en vastleggen en we konden eigenlijk geen reden bedenken om er nee tegen te zeggen. Vooral omdat mijn vader het volledig met hem eens was. Op dit moment is het pappa’s geld dat we uitgeven, maar wie weet hoe lang dat nog kan.

Ze keken naar mijn oude salaris van de parttime baan die ik had toen ik getrouwd was, en naar de salarissen van de banen waarop ik gesolliciteerd had voordat mijn vader ziek werd. We bepaalden de waarde van het feit dat ik bij mijn vader zou wonen en zijn boodschappen en gas en licht en dergelijke zou delen. We dachten na over het feit dat er geen vaststaande uren zouden zijn en wat dat op lange termijn van mij zou vragen. We keken naar pappa’s rekeningen, zijn pensioen en sociale verzekeringen en stelden vast wat hij zich kon veroorloven.

Nadat we dat allemaal bekeken hadden, kwamen we tot een salaris voor mij. Het was op zijn zachtst gezegd ongemakkelijk om dit allemaal met hen te bespreken, omdat ik nog nooit zo openhartig was geweest over mijn financiën, maar het was oké.

We hebben ook een schema gemaakt voor respijt, voor mij. Mijn broers en zussen hebben allemaal verschillende vakantiedagen en verschillende verantwoordelijkheden. De een woont hier verder vandaan dan de ander. Ze kozen elk de dagen die ze dat jaar konden besteden aan de zorg en we zetten die op de kalender. Soms merk ik dat ik de dagen aftel. Het is goed te weten dat er een pauze zal zijn, automatisch, zonder dat ik om hulp hoef te vragen als het allemaal zwaarder wordt.

Ik had geen idee van het papierwerk en de financiële verantwoordelijkheden die de zorg met zich mee zou brengen, maar mijn zwager wel. We spraken af wie waarvoor verantwoordelijk was en dat niet alles van mij verwacht kon worden. We kwamen een maandelijks bedrag overeen dat ik mocht uitgeven zonder dat ik het met iemand hoefde te bespreken en we besloten hoe we over de andere uitgaven zouden beslissen. Het was vreemd voor mij om een beleid te bepalen voor de financiën, maar ik ben nu dankbaar dat we het gedaan hebben.

Ik dacht altijd dat we min of meer op dezelfde golflengte zaten. Dat zaten we niet. Ik ben blij dat we regels hebben, zodat we dingen met de hele groep kunnen bespreken voordat ik beslissingen neem waarmee de anderen het niet eens blijken te zijn.

Ik ben ook dankbaar dat ik geen parttime baan heb. Mijn vader ging zo snel achteruit dat ik werk en zorgen voor hem niet had kunnen combineren. Mijn spaargeld zou er vrij snel doorheen zijn gegaan en ik zou dan niet weten hoe ik dat weer aan zou kunnen vullen, als ik al een manier had om mezelf te onderhouden.

Zoveel van de zorg voelt als een baan. Het papierwerk! Een groot deel van mijn dag zit ik aan de telefoon om afspraken te maken. Ik doe onderzoek en maak aantekeningen. Voor veel mensen is het een baan. Ik krijg meer betaald dan een thuiszorgmedewerker, maar zij doen niet zoveel administratief werk als ik. Ik ben blij dat mijn familie vond dat ik meer dan minimumloon zou moeten krijgen. Ik vind niet dat een thuiszorgmedewerker zo weinig betaald zou moeten krijgen, zeker niet nu ik weet hoeveel werk ze doen!

We zitten in het tweede jaar van deze regeling. Er zijn veel discussies geweest over uitgaven en zorgbeslissingen, maar dankzij mijn zwager hebben we die discussies gevoerd, voordat er beslissingen worden genomen. Ik ben echt blij dat hij zo volhoudend was en erop aandrong dat we dit allemaal van te voren regelden.

Geschreven door D. Baker, Californië.

is vertaalster, musicus en werkt als taalcoach voor Rosetta Stone. Ze woont en werkt in Florida, in de Verenigde Staten.

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Back To Top