Beers wereld: Lichtpuntjes

Het is duidelijk dat deze bijzondere tijd niet altijd het beste laat zien in de mens.. Als je dan tenminste een gezicht ziet, in plaats van alleen ogen met haar erboven van een gezicht met mondkap of sjaal.

Het zal wel aan mij liggen maar ik krijg jeuk bij iedereen beneden de 60 die ik met zo’n maskertje zie rond lopen alsof het geheel normaal is. Natuurlijk weet ik van het bestaan af van een heel naar virus wat in een pandemie over de wereld gaat en sommigen onder ons op de IC van een ziekenhuis doet belanden. Toch voel ik de neiging om boos naar de meestal jonge mensen in mondkap te kijken die zelf nooit voor je opzij gaan op een smalle stoep. Waarschijnlijk zullen ze denken dat Beer en ik gestoord zijn door ons zonder sjaal of masker durven te begeven in het openbaar en voelen zij zich verantwoordelijk en dus beter. Ik vrees de dag dat het verplicht wordt om die rot dingen te moeten dragen. Zie Beer maar eens duidelijk te maken dat hij zo’n ding om moet laten voor de reden van bescherming en veiligheid. “Voor Karona”, zal hij met een monotoon gebrom zeggen met een gedachtengang die voor ieder een mysterie is behalve dan voor hem zelf.

Zo was er maandagavond een meneer in het bos aan het joggen met een zwarte sjaal die alleen zijn ogen met voorhoofd lieten zien. Ik hoorde hem tekeer gaan tegen een mevrouw die rustig op een bankje zat net haar hondjes naast zich. Ze moest haar klote honden controleren hoorde ik hem schreeuwen. Blijkbaar had eentje in zijn been gehangen toen hij met over het gras ineens achter haar bankje rende. Dat hij eruit zag als een boef op de vlucht kwam niet in zijn botte hoofd op dus legde ik dat hem rustig uit toen ik Gijs de hond aan zijn halsband moest vasthouden omdat die verder wilde gaan met happen misschien, honden beschermen hun bazen. Gijs weet ook niet dat er een levens gevaarlijk en eng virus rond gaat maar vind gewoon dat mensen op paden moeten lopen en dat je hun hoofden moet kunnen zien om te kijken of iemand wel pluis is.

Dinsdag was het ‘beveiigingsdag’ zoals Beer dat een jaar geleden gelukzalig noemde. Dit jaar zei hij om de 5 minuten met een kwantiteit die ik niet meer weg kon negeren dat het “vrolijke-Bevrijdingsdag was” met de daarbij horende cijfer combinaties.  Dit vertelde hij achteraf zo vaak omdat hij denk ik via internet allang door had dat de feestwinkel gesloten was. Hij wilde mij testen dus of ik dit ook al bedacht had zodat ik een plan B kon bedenken van het kopen van cijfers die dag.

In de auto na het bos bedacht ik toen maar dat we naar de kaartenwinkel konden gaan, die ook dicht was. Bevrijdingsdag was ineens niet meer zo vrolijk, merkte ik aan het sombere beeld van Beer naast me in de auto. Maar gelukkig hoefden we niet te lopen dus reden we maar op goed geluk naar een kaartenwinkel in een andere wijk.

De rest van de dag wapperden er vrolijke rood wit blauw vlaggen en realiseerde ik me dat er zoveel kinderen zoals Beer opgesloten zitten in hun instelling, samen met de ouderen in hun verpleeg- gevangenissen. Ik vond het geen dag om de vrijheid te vieren, nee.

Dan was het alweer woensdag waar we na het bos en douchen naar de tuinwinkel gingen voor de wekelijkse structuur. Beer is inmiddels gewend om een kar te moeten pakken voor zijn 2 zakjes met zaadjes of bolletjes. Er staan zowaar natuurlijk cijfers op die kaarten met foto’s van de bloemen dus is een tuinwinkel ook een cijferwinkel voor meneer. Gelukkig gooit hij die bollen niet meer weg maar legt hij ze schattig in een bloempot. Zo kan ik elke week wat planten in de grond of een pot en vertelde ik op een hoog toontje dat er binnenkort cijfer bloemen in de tuin gaan groeien. Beer keek hier niet erg van op en vond het maar raar geloof ik.

Ook heb ik een poging gedaan om naar een klerenwinkel te gaan in een groot winkelcentrum. De rij voor de Action was lang en duurde lang dus ik heb goed moeten onderhandelen dat we voor een opblaas cijfer ballon ook naar de Intertoys konden waar gelukkig geen rij stond.

Het zusje was zowaar mee omdat dit niet een bos of een speeltuin betrof maar iets waar er ijskoffie en dure donutsen gekocht konden worden met winkels met make-up enzo. Helaas was de H&M dicht en stond er weer zo’n rij voor de C&A waardoor ik naar de Steps moest wat ik eigenlijk zeer stom vind. Maar er stond geen rij en Beer had inmiddels zijn blauwe ballon 4 opgeblazen en liep er gelukzalig mee rond.

Ik dacht hem een mandje te geven voor de vorm en zo naar binnen te kunnen maar dat mocht niet van de strenge mevrouw daar. Ik merkte dat ik het liefst keihard wilde schelden ( hoe zou zij het vinden nooit alleen iets te kunnen doen omdat je zoon niet naar zijn dagbesteding kan en je een broek nodig hebt die je online niet kan passen!!!!). Maar ik hield me in en liet Beer bij zijn zusje die niet begreep dat ik überhaupt in die winkel iets leuks kon vinden.  De strenge mevrouw begon verder te vertellen over de afspraken en dat het zo moest en dat ze het rot vond maarja, wat doe je er aan en nog veel meer maar ik besloot gewoon mijn verlies te nemen en snel weg te gaan.

Bij de uitgang naar de auto vond een andere mevrouw het erg nodig hardop te zeggen tegen Beer dat hij geen afstand hield. Ik snauwde terug dat hij dat niet zo makkelijk doet vanwege zijn autisme met verstandelijke beperking. Snel weg hier, bedacht ik me.

De wereld wordt er niet mooier op helaas.

Maar natuurlijk ben ik van het soort dat altijd wel een lichtpuntje ziet. Ook al is dat minuscuul en nauwelijks met het blote oog zichtbaar. Lichtpuntjes kunnen zien in periodes van zwaarte zorgt er voor dat je kan blijven staan. Lichtpuntjes kunnen zien, is nodig om er voor Beer en zijn zusje te kunnen blijven functioneren om als een instelling alles overeind te houden wat er aan structuur buiten huis de afgelopen 19 jaar is opgebouwd. Hadden we net het voor elkaar gekregen dat hij de taxi chauffeur niet de stuipen op het lijf bleef jagen met geschreeuw en het zweet op de ruggen van de begeleiders van de dagbesteding begon net op te drogen, nu is het weer de vraag of alles weer van voren af aan moet wennen ergens in September of zelfs Oktober, voor hij, die zich zo goed overeind houd in tijden van ‘Karona’.

Vandaag vond ik een plastic zakje waarin een geel badeendje met wat stoepkrijt zat. Er zat een briefje bij dat het voor jou, de vinder is en dat je het mee mag nemen omdat deze tijd gewoon niet leuk is voor iedereen. Ik twijfelde of ik het aan Beer zou geven, hij was er zelf straal voorbij gelopen en zat al op het klimrek. Ik besloot het te laten liggen omdat er vast een vermoeide vader of moeder met een klein kind na ons zou komen die vervuld zou gaan raken van deze actie van goeds met liefde en geluk.

Zo vinden die andere mensen die het ook vast zat zijn weer hun eigen kleine lichtpuntje.

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top