skip to Main Content
Beers Wereld – Intake GGZ

Beers wereld – Intake GGZ

“Druk jij op het knopje Beer?” vroeg ik nadat we de auto in de parkeergarage van de GGZ instelling speciaal voor autisme hadden geparkeerd.
Het leek er op dat we naar dezelfde verdieping moesten waar we voor het laatst 8 jaar geleden waren geweest.

Ik merkte aan Beer dat hij het dood normaal vond om in de lift te staan, hij wist ook precies de ruimte te vinden waar hij vroeger veel tijd met mij en wat therapeuten in speelkamers heeft versleten.

Wel merkte ik al bij het opstaan een verhoogde mate van het produceren van extra geluiden. Hij had er ook de grootste lol in die zo hard te maken dat ik wat vaker grenzen aan moest geven.

Beer liep direct naar het kleine tafeltje met peuterstoeltjes en ging even wat lijstjes schrijven met cijfers op de achterkant van kleurplaten, die hij na het bezoekje wilde gaan scoren bij de Hubo.

Ik moest ons aanmelden bij de receptioniste die ons vriendelijk begroette.
Met een papier en een pen ging ik aan de leestafel zitten terwijl Beer vrolijk verder schreef en af en toe even op en neer ging springen tussen een paar wachtende ouders.

In 1 klap bevond ik me even in het verleden waarin ik vaak blikken voelde branden van de wachtende ouders naar een schattig klein Beertje die even voor hun een goede demonstratie aan het geven was wat nou precies zwaar autisme in zou kunnen houden.

Vaak waren het ouders die op hun kind aan het wachten waren die de zoveelste test aan het afnemen was in een aparte ruimte.
Ik voelde hun opluchting duidelijk omdat ze waarschijnlijk dachten dat hun kind tenminste niet zo erg autistisch zou zijn als mijn Beer. Of ik zag een angstige emotie in hun blik omdat ze waarschijnlijk toch een aantal kenmerken konden herkennen van zijn gefladder en gespring, cijfers die hij met een geknepen stemmetje uitsprak waarvan vaak de eerste of laatste letter niet goed uitgesproken was.

Dit keer ging Beer weer even een mooie grote perfect uitgevoerde 2 op het grote schoolbord schrijven terwijl ik een gesprekje voerde met aardige ouders die hun 24 jarige zoon met ADHD een IQ test lieten maken in een andere kamer. Ze dachten dat er bij hun zoon ook wel wat autisme bij zou kunnen zitten, terwijl ze verwonderd naar Beer staarden die overkwam als een springend kanon die wel even rete mooie cijfers uit zijn losse pols kon produceren.

Iets te laat verschenen daar de 2 mevrouwen waarvan 1 de psychologe die de intake zou afnemen en 1 die Beer uiteindelijk zou meenemen naar de speelkamer.

Ik liet Beer hun gedag zeggen terwijl we naar een kamer liepen. Eerst hadden we het over mijn ongemakkelijke gevoel of we wel op de juiste plek zaten omdat ik al die rare vragenlijsten voor Beer moest invullen, thuis. Nu Beer 18 is geworden kreeg ik op mijn telefoon ook een berichtje gericht aan hem of hij zijn afspraak niet zou gaan vergeten. 1 mevrouw stelde me direct gerust dat ze vaker mensen zoals Beer hier hebben hoor, ik hoefde me dus geen zorgen te maken.

Aan een ronde tafel pakte ik in een hoek van de kamer wat papier voor Beer en viste een pen uit mijn tas. Daar maakte Beer een geschreven lijstje van en ging van het andere vel even een 3 en een 8 scheuren met een vaart die de 2 mevrouwen wat achterover deden slaan op hun stoelen.

Door Beers’ extra harde gedududududuuuh (een nieuw geluid) heen, waren ze tot de conclusie gekomen dat het erg knap was van hem dat hij A zo’n mooi handschrift had en B dat ze zelf nooit zulke mooi cijfers konden scheuren. Ze wilde weten hoe oud Beer was toen hij begon te schrijven. Ik dacht een jaar of 10, vertelde ik.

Ik was trots terwijl ik Beer af en toe begrensde in het geluid zodat ik de mevrouwen kon horen praten. Beer keek me uitdagend lachend aan.

Na een paar minuten ging 1 mevrouw, de jongere, met Beer naar die speelkamer en bleef ik achter met de oudere mevrouw die ik ter plekke erg vriendelijk vond. Ze vroeg naar mijn hulpvraag die er op neer kwam dat ik nieuwe inzichten vroeg over het dwangmatige gedrag van Beer wat erger aan het worden is. Ook gaf ik aan dat zijn gedrag sinds hij stage loopt nogal explosief is geworden en ik me daarover zorgen maak.

Ook het aangeven van mijn stugge volhoudingsvermogen wat nu zo langzamerhand wat wankel is met vallen en opstaan hoorde ze aan. Als laatste benoemde ik mijn vraag of er wel een medicijn beschikbaar zou kunnen zijn voor iemand als Beer. De eerste en laatste keer was toen hij 6 jaar was en dat was bepaald niet voordelig voor hem geweest.

De mevrouw beantwoordde mijn twijfel zoals ik het al in mijn hoofd had bedacht. Dat er geen echt medicijn zou zijn voor het autisme en vooral zoals zij Beer zag, iemand met een matige verstandelijke beperking wat het autisme zeer deed versterken.

Dat er bij elk medicijn bijwerkingen zouden horen maar dat er wel een medicijn zou kunnen bestaan die als demper kan werken. Maar daar wordt Beer wel suffer van en of ik dat wel zou willen.

Er ging een beeld door mijn hoofd van een dikke suffe Beer wat ik erg onprettig vond maar tegelijk kreeg ik een realisatie van een pil die zou kunnen zorgen dat er minder ongewenste prikkels bij Beer binnen konden komen waardoor ik niet zo op mijn tenen hoef te blijven lopen om te zorgen dat enerzijds het zusje opgevoed wordt en anderzijds Beer afgeschermd wordt van onze kleine fitjes over het moeten tandenpoetsen voor ze naar school gaat. Ik kon geen goed antwoord geven daar ter plekke maar was gerust gesteld dat er een psychiater hier over zou gaan nadenken.

Na 20 minuten wist ik ook dat ze bij de dagbesteding hun licht gaan schijnen vanuit hun expertise en ik voelde me nog meer gerust gesteld.

Mijn twijfel over een juiste plek vinden voor Beer om te wonen beantwoordde ze dat er geen betere plek te vinden is dan thuis bij mij. Als moeder kan ik Beer totaal invoelen en begrijpen. Dat is sowieso een stuk lastiger in een instelling met een groep en telkens nieuwe begeleiders. Toch denkt ze dat ik het op mijn manier van het langzaam aan willen opbouwen van het logeren (zodra dat kan) een goede keuze is. Zo kan hij langzaam aan gaan wennen aan het uit huis gaan.

Ik deed het goed, merkte ze op. Iets wat ze vast tegen elke ouder zegt maar daar in die kamer deed het me toch erg goed om dat te horen.

Net voor Beer terug kwam vertelde ze dat ze nu wel genoeg wist. We konden lekker naar huis en hoefde niet nog een uur te blijven in afwachting op hun bevindingen. Het was gewoon duidelijk genoeg.

Gelijk een nieuwe afspraak gemaakt zonder Beer en we konden naar de auto. Beer pakte nog snel even een paar foldertjes uit de wachtkamer op de weg naar de lift om te kunnen verscheuren in cijfers.

De rest van de dag voelde ik me opgelucht en tegelijk erg moe. Maar goed dat het lekker weer was zodat we even naar de zee konden rijden na de Hubo en het bos voor de honden.

Beer stond nog steeds op standje 10 van drukte, vast omdat de dag er zo anders uit heeft gezien.

Toen hij heerlijk in en uit de zee huppelde en zich om ging rollen als een zandkroket voelde ik een lading spanning van me afglijden daar in de zon.

Zo zie je maar weer dat er weer een belangrijk aspect afgestreept kan worden waar je vooraf veel werk aan hebt gehad vanuit een toch al overbelast zorg en werk gebeuren. Ik heb er toch maar weer voor gezorgd dat er een stap kan worden gezet naar een betere toekomst.

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top
Teken de petitieOverheid, praat MET mantelzorgers en NIET OVER mantelzorgers
Tekenen
X